Maritieme begrippenlijst
Definities combineren geciteerde voorschriften met studiesamenvattingen. Lees de bron, reikwijdte en uitzonderingen; studievertalingen zijn aangeduid en zijn geen officiële wetteksten.
49 begrippen
Vaartuigtypen en -status
- SchipCOLREG Rule 3(a)
- (a) omvat het woord „schip” elk vaartuig, met inbegrip van vaartui-gen zonder waterverplaatsing, WIG-tuigen en watervliegtuigen, gebruikt of geschikt om te worden gebruikt als een middel van vervoer te water.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Werktuiglijk voortbewogen schipCOLREG Rule 3(b)
- (b) betekent de uitdrukking ,,werktuiglijk voortbewogen schip” elk schip voortbewogen door machines;Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- ZeilschipCOLREG Rule 3(c)
- (c) betekent het woord ,,zeilschip” elk schip dat onder zeil is mits de voortstuwingsmachines, indien aangebracht, niet worden gebruikt;Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Vissend schipCOLREG Rule 3(d)
- (d) betekent de uitdrukking ,,schip bezig met de uitoefening van de visserij” een schip dat vist met netten, lijnen, sleepnetten of ander vistuig, die de manoeuvreerbaarheid beperken, maar omvat niet een schip dat vist met sleeplijnen of ander vistuig, die de manoeuvreerbaarheid niet beperken;Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Onmanoeuvreerbaar schip (NUC)COLREG Rule 3(f)
- (f) betekent de uitdrukking ,,onmanoeuvreerbaar schip” een schip dat wegens een buitengewone omstandigheid niet in staat is te manoeuvreren zoals vereist volgens deze Voorschriften en dat daardoor niet in staat is voor een ander schip uit te wijken;Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Beperkt manoeuvreerbaar schip (RAM)COLREG Rule 3(g)
- (g) betekent de uitdrukking „beperkt manoeuvreerbaar schip” een schip dat door de aard van zijn werk beperkt is in zijn mogelijkheid om te manoeuvreren zoals vereist volgens deze Voorschriften en dat daardoor niet in staat is voor een ander schip uit te wijken.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Schip gehinderd door zijn diepgang (CBD)COLREG 3(h), 28
- (h) betekent de uitdrukking „schip door zijn diepgang beperkt in zijn manoeuvreerbaarheid” een werktuiglijk voortbewogen schip dat wegens zijn diepgang ten opzichte van de beschikbare diepte en breedte van het vaarwater ernstig beperkt is in zijn mogelijkheid af te wijken van de koers die het volgt; Een schip door zijn diepgang beperkt in zijn manoeuvreerbaarheid mag, behalve de lichten voor een werktuiglijk voortbewogen schip, voorgeschreven in voorschrift 23, drie rondom zichtbare rode lichten tonen, loodrecht ten opzichte van elkaar, of een cylinder, daar waar deze het best kunnen worden gezien.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- VarendCOLREG Rule 3(i)
- (i) betekent het woord „varende” dat een schip niet ten anker ligt, niet is vastgemaakt aan de wal of niet aan de grond zit;Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Vaart lopen door het water
- Beweging ten opzichte van het omringende water, te onderscheiden van varende zijn. Drift alleen bepaalt niet of een schip vaart door het water loopt: kijk naar de beweging door het water, niet alleen naar snelheid over de grond of een draaiende motor.Studiesamenvatting · COLREG 3(i), 27, 35(a)–(b)
- WIG-vaartuigCOLREG Rule 3(m)
- (m) betekent het begrip „Wing-In-Ground (WIG)-tuig” elk multi-modaal tuig dat, tijdens haar belangrijkste operationele toestand, vlak boven het wateroppervlakte vliegt daarbij gebruik makend van de drukopbouw tussen het wateroppervlakte en het WIG-tuig.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- AanvaringsregelsIMO 1972
- Het Verdrag van 1972 inzake de Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee en zijn voorschriften, zoals gewijzigd. a Deze Voorschriften zijn van toepassing op alle schepen in volle zee en op alle wateren die daarmede in verbinding staan en bevaarbaar zijn voor zeegaande schepen. b Niets in deze Voorschriften verzet zich tegen het toepassen van bijzondere voorschriften uitgevaardigd door een bevoegde instantie voor reden, havens, rivieren, meren of binnenwateren, die in verbinding staan met de volle zee en bevaarbaar zijn voor zeegaande schepen. Zulke bijzondere voorschriften dienen zoveel mogelijk overeen te stemmen met deze Voorschriften.Studiesamenvatting · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
Sturen en zeilen
- Uitwijkplichtig schipCOLREG Rule 16
- Elk schip dat verplicht is uit te wijken voor een ander schip dient, voor zover dit mogelijk is, bijtijds ruim voldoende maatregelen te nemen om goed vrij te blijven.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Koersvast schipCOLREG Rule 17
- a (i) Wanneer één van beide schepen verplicht is uit te wijken, dient het andere zijn koers en vaart te behouden, (ii) Het laatstgenoemde schip mag echter maatregelen nemen ter vermijding van aanvaring door zelf een manoeuvre uit te voeren zodra hem duidelijk wordt dat het schip dat verplicht is uit te wijken niet de passende maatregelen neemt die ingevolge deze Voorschriften zijn voorgeschreven. b Indien tengevolge van enige oorzaak het schip dat verplicht is zijn koers en vaart te behouden zich zo dicht bij het andere bevindt, dat aanvaring door een handeling van het schip dat moet uitwijken alléén niet kan worden vermeden, dient het de maatregelen te nemen, die het best kunnen bijdragen tot het vermijden van aanvaring.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Tegengestelde koersen (recht tegen elkaar in)COLREG Rule 14
- a Wanneer twee werktuiglijk voortbewogen schepen op tegengestelde of bijna tegengestelde koersen tegen elkaar in sturen, zodanig dat zulks gevaar voor aanvaring medebrengt, dienen beide naar stuurboord van koers te veranderen, zodat zij elkaar aan bakboordszijde voorbijvaren. De voorschriften in deze Afdeling zijn van toepassing op schepen die in zicht van elkaar zijn.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Kruisende koersenCOLREG Rule 15
- Wanneer de koersen van twee werktuiglijk voortbewogen schepen elkaar kruisen, zodanig dat zulks gevaar voor aanvaring medebrengt, dient het schip dat het andere aan stuurboordszijde van zich heeft, uit te wijken en, wanneer de omstandigheden het toelaten, te vermijden vóór het andere over te lopen. De voorschriften in deze Afdeling zijn van toepassing op schepen die in zicht van elkaar zijn.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- OplopenCOLREG Rule 13
- b Een schip wordt geacht op te lopen wanneer het een ander schip nadert uit een richting van meer dan 22,5 graden achterlijker dan dwars, dat wil zeggen in een zodanige positie met betrekking tot het schip dat opgelopen wordt, dat het des nachts alleen het heklicht van dat schip doch geen van zijn boordlichten zou kunnen zien. d Elke volgende verandering van de peiling tussen de twee schepen kan het oplopende schip niet maken tot een koerskruisend schip in de zin van deze Voorschriften of het ontslaan van de plicht om vrij te blijven van het opgelopen schip totdat het geheel is gepasseerd en goed vrij is.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Gevaar voor aanvaringCOLREG Rule 7
- a Elk schip dient alle beschikbare middelen te gebruiken, passend in de heersende omstandigheden en toestanden, om te bepalen of er gevaar voor aanvaring bestaat. In geval van twijfel wordt een zodanig gevaar geacht te bestaan. d Bij de bepaling of er gevaar voor aanvaring bestaat, dient onder meer rekening te worden gehouden met de volgende overwegingen: (i) een zodanig gevaar wordt geacht te bestaan indien de kompaspeiling van een naderend schip niet noemenswaard verandert; (ii) zelfs wanneer een aanmerkelijke verandering in de peiling blijkt, kan een zodanig gevaar soms bestaan, vooral bij het naderen van een zeer groot schip of een sleep of bij het dicht naderen van een schip.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Veilige vaartCOLREG Rule 6
- Elk schip dient te allen tijde een veilige vaart aan te houden zodat het juiste en doeltreffende maatregelen kan nemen ter vermijding van aanvaring en kan worden gestopt binnen een voor de heersende omstandigheden en toestanden passende afstand.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- NabijheidssituatieCOLREG Rule 8(d)
- Ontmoeting waarbij schepen onder de omstandigheden gevaarlijk dicht bij elkaar komen. COLREG geeft geen universele afstandsgrens: beoordeel tijdig en handel doeltreffend om op veilige afstand te passeren.Studiesamenvatting · COLREG 8(d), 19(d)–(e)
- Handeling in extremisCOLREG Rule 17(b)
- b Indien tengevolge van enige oorzaak het schip dat verplicht is zijn koers en vaart te behouden zich zo dicht bij het andere bevindt, dat aanvaring door een handeling van het schip dat moet uitwijken alléén niet kan worden vermeden, dient het de maatregelen te nemen, die het best kunnen bijdragen tot het vermijden van aanvaring.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- In zicht van elkaarCOLREG Rule 11
- (k) worden schepen geacht in zicht van elkaar te zijn alleen wanneer het ene vanaf het andere met het oog kan worden waargenomen;Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Beperkt zichtCOLREG Rule 19
- (l) betekent de uitdrukking „beperkt zicht” elke situatie waarin het zicht wordt beperkt door mist, nevelig weer, sneeuwval, zware regenbuien, zandstormen of andere soortgelijke oorzaken. a Dit voorschrift is van toepassing op schepen die niet in zicht van elkaar zijn wanneer zij varen in of in de buurt van een gebied met beperkt zicht.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Nauw vaarwaterCOLREG Rule 9
- a Een schip dat de richting van een nauw vaarwater of vaargeul volgt, dient de buitenzijde van het vaarwater of de vaargeul aan zijn stuurboordszijde te houden, zo dicht als veilig en uitvoerbaar is. b Een schip met een lengte van minder dan 20 meter of een zeilschip mag de doorvaart van een schip dat slechts in het nauwe vaarwater of de vaargeul veilig kan varen niet belemmeren. c Een schip bezig met de uitoefening van de visserij mag de doorvaart van een ander schip varend in een nauw vaarwater of vaargeul niet belemmeren.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Verkeersscheidingsstelsel (TSS)COLREG Rule 10
- a Dit voorschrift is van toepassing op door de Organisatie aangenomen verkeersscheidingsstelsels en ontheft schepen niet van hun verplichtingen op grond van enig ander voorschrift. b Een schip dat gebruik maakt van een verkeersscheidingsstelsel dient: (i) in de passende verkeersbaan te varen in de algemene richting van de verkeersstroom voor die baan; (ii) voor zover uitvoerbaar vrij te blijven van een scheidingslijn of -zone; (iii) in het algemeen een verkeersbaan binnen te varen of te verlaten aan het uiteinde van de baan doch, wanneer de baan aan één van beide zijkanten wordt binnengevaren of verlaten, dient het zulks te doen onder een zo klein mogelijke hoek ten opzichte van de algemene richting van de verkeersstroom als uitvoerbaar is.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Demarcatielijn33 CFR Part 80
- In de Verenigde Staten scheiden COLREG-demarcatielijnen wateren met de internationale regels van wateren met US Inland Rules. De wettelijk bepaalde ligging staat in 33 CFR Part 80; raadpleeg de toepasselijke kaart en regels.Studiesamenvatting · 33 CFR Part 80
Lichten en dagtekens
- ToplichtCOLREG Rule 21(a)
- a Onder „toplicht” wordt verstaan een wit licht, geplaatst in het midscheepse vertikale vlak in langsrichting, dat ononderbroken schijnt over een boog van de horizon van 225 graden en zo is aangebracht dat het schijnt van recht vooruit tot 22,5 graden achterlijker dan dwars aan elke zijde van het schip.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- BoordlichtenCOLREG Rule 21(b)
- b Onder „boordlichten” wordt verstaan een groen licht aan stuurboordszijde en een rood licht aan bakboordszijde, die elk ononderbroken schijnen over een boog van de horizon van 112,5 graden en zo zijn aangebracht dat zij schijnen van recht vooruit tot 22,5 graden achterlijker dan dwars, elk aan hun zijde. Bij een schip met een lengte van minder dan 20 meter mogen de boordlichten worden gecombineerd in één lantaarn, gevoerd in het midscheepse vertikale vlak in langsrichting.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- HeklichtCOLREG Rule 21(c)
- c Onder „heklicht” wordt verstaan een wit licht, geplaatst zo dicht mogelijk bij het hek als uitvoerbaar, dat ononderbroken schijnt over een boog van de horizon van 135 graden en zo is aangebracht dat het schijnt van recht achteruit over 67,5 graden naar elke zijde van het schip.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- SleeplichtCOLREG Rule 21(d)
- d Onder „sleeplicht” wordt verstaan een geel licht met dezelfde kenmerken als het „heklicht”, omschreven onder (c) van dit voorschrift.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Rondom zichtbaar lichtCOLREG Rule 21(e)
- e Onder „rondom zichtbaar licht” wordt verstaan een licht dat ononderbroken schijnt over een boog van de horizon van 360 graden.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- FlikkerlichtCOLREG Rule 21(f)
- f Onder „schitterlicht” wordt verstaan een licht dat schittert met regelmatige tussenpozen met een frequentie van 120 schitteringen of meer per minuut.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
Geluids- en lichtseinen
- Korte stootCOLREG Rule 32(b)
- b De uitdrukking „korte stoot” betekent een stoot van ongeveer één seconde duur.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Lange stootCOLREG Rule 32(c)
- c De uitdrukking „lange stoot” betekent een stoot van vier tot zes seconden duur.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- Gevaar- / twijfelseinCOLREG Rule 34(d)
- d Wanneer schepen die in zicht van elkaar zijn elkaar naderen en om welke reden dan ook één van de schepen de voornemens of handelingen van het andere niet begrijpt, of eraan twijfelt dat het andere schip voldoende handelingen verricht om een aanvaring te vermijden, dient het in twijfel verkerende schip zijn twijfel onmiddellijk kenbaar te maken door ten minste vijf korte stoten op de fluit in snelle opeenvolging. Dit sein mag worden aangevuld met een lichtsein van ten minste vijf korte schitteringen in snelle opeenvolging.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
- FluitCOLREG Rule 32(a)
- a Het woord „fluit” betekent elk geluidseinen voortbrengend toestel dat de voorgeschreven stoten kan voortbrengen en dat voldoet aan de eisen vermeld in Bijlage III van deze Bepalingen.Uittreksel uit officiële bron · Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)
IALA-betonning
- Lateraal merkIALA MBS
- De kleuren van de laterale markeringen veranderen: in regio A zijn de bakboordmarkeringen rood en de stuurboordmarkeringen groen; in regio B is bakboord groen en stuurboord rood, gezien in de conventionele betonningsrichting. De overige soorten markeringen gebruiken in beide regio's hetzelfde systeem.Studiesamenvatting · IALA R1001, ed. 2.0 (2023)
- Kardinaal merkIALA MBS
- Kardinale markeringen geven met kompasquadranten (N, O, Z, W) aan aan welke zijde van de markering het veilige vaarwater ligt.Studiesamenvatting · IALA R1001, ed. 2.0 (2023)
- Merk voor afzonderlijk gevaarIALA MBS
- De markering voor geïsoleerd gevaar staat op of nabij het gevaar; kaarten en nautische publicaties geven de omvang en veilige passeerafstand aan. Rondom de markering is bevaarbaar water aanwezigStudiesamenvatting · IALA R1001, ed. 2.0 (2023)
- Veilig-vaarwatermerkIALA MBS
- Veilig-vaarwatermarkering: rode en witte verticale strepen met rode bol, rondom bevaarbaar water.Studiesamenvatting · IALA R1001, ed. 2.0 (2023)
- Bijzonder merkIALA MBS
- Gele markeringen voor bijzondere gebieden zoals ODAS, verkeersscheiding, militaire oefengebieden of kabels/pijpleidingen. Een speciale markering kan als MAtoN een gevaarlijk drijvend object markerenStudiesamenvatting · IALA R1001, ed. 2.0 (2023)
- NoodwrakmarkeringsboeiIALA MBS
- De noodwrakmarkeringsboei markeert nieuwe gevaren, waaronder pas ontdekte wrakken. De bevoegde autoriteit bepaalt de verdere markering wanneer het gevaar is verwijderd of voldoende bekendgemaakt in nautische informatie. 1 s blauw + 0,5 s donker + 1 s geel + 0,5 s donker; periode 3 s.Studiesamenvatting · IALA R1001, ed. 2.0 (2023)
- IALA Regio A en Regio BIALA MBS
- De kleuren van de laterale markeringen veranderen: in regio A zijn de bakboordmarkeringen rood en de stuurboordmarkeringen groen; in regio B is bakboord groen en stuurboord rood, gezien in de conventionele betonningsrichting. De overige soorten markeringen gebruiken in beide regio's hetzelfde systeem.Studiesamenvatting · IALA R1001, ed. 2.0 (2023)
GMDSS en radio
- GMDSSSOLAS Ch. IV
- Het wereldwijde maritieme nood- en veiligheidssysteem combineert terrestrische en satellietradiodiensten, scheepsapparatuur en procedures voor nood- en veiligheidscommunicatie. SOLAS hoofdstuk IV bepaalt functies en uitrustingseisen; het is meer dan een automatisch schip-wal-alarm.Studiesamenvatting · SOLAS IV/4
- Digitale selectieve oproep (DSC)
- Digitale oproep- en alarmeringstechniek op VHF, MF en HF, te onderscheiden van het daaropvolgende spraak- of dataverkeer. Afhankelijk van de oproepcategorie wordt één station, een groep of alle schepen aangesproken; een noodalarm is niet beperkt tot één MMSI-ontvanger.Studiesamenvatting · ITU-R M.493
- MMSI
- Negen-cijferige identiteit in maritieme radiodiensten. Scheepsstations: MIDXXXXXX; kuststations: 00MIDXXXX; SAR-luchtvaartuigen: 111MIDXXX. De drie cijfers van de MID duiden de verantwoordelijke administratie aan, maar staan niet altijd vooraan.Studiesamenvatting · ITU-R M.585
- EPIRB
- Maritiem 406-MHz-noodbaken dat Cospas-Sarsat alarmeert; 121,5 MHz ondersteunt peiling dichtbij. GNSS, AIS-lokalisatie en automatische vrijgave/activering hangen af van model en toepasselijke norm: de moderne IMO-norm voor installaties vanaf 1 juli 2022 omvat GNSS en AIS; volg de handleiding.Studiesamenvatting · IMO MSC.471(101); MSC.514(105)
- SART
- Lokaliseerapparaat voor opsporing en redding. Een radar-SART antwoordt op X-bandradar met twaalf markeringen die vanaf zijn benaderde positie naar buiten lopen: de binnenste markering, het dichtst bij de radar, geeft die positie aan; AIS-SART zendt daarentegen locatiegegevens op AIS-frequenties.Studiesamenvatting · IMO MSC.510(105); MSC.246(83)
- STCWIMO 1978
- Het Internationaal Verdrag betreffende de normen voor zeevarenden inzake opleiding, diplomering en wachtdienst (1978, gewijzigd) stelt internationale minimumnormen. Deel A van de STCW-Code is verplicht; hoofdstuk VIII betreft wachtdienst en VI noodsituaties, veiligheid, beveiliging, medische zorg en overleving, inclusief basisopleiding.Studiesamenvatting · IMO STCW Convention and Code
Hoe deze begrippenlijst is opgebouwd
Definities combineren geciteerde voorschriften met studiesamenvattingen. Lees de bron, reikwijdte en uitzonderingen; studievertalingen zijn aangeduid en zijn geen officiële wetteksten.
Elke term heeft een vast anker. Zo verwijst /nl/glossary#not-under-command rechtstreeks naar NUC; gebruik voor een andere taal het bijbehorende taalvoorvoegsel.
FAQ begrippenlijst
Waarom betekent dezelfde term soms iets anders in COLREG en IALA?
Lees begrippen in de context van hun bron. COLREG regelt aanvaringspreventie, IALA-betonning beschrijft navigatiemerken en GMDSS betreft maritieme nood- en veiligheidscommunicatie; vergelijkbare woorden maken de definities niet uitwisselbaar.
Worden deze definities geaccepteerd als examenantwoord?
Dit zijn studiedefinities zonder garantie dat de formulering op een examen wordt aanvaard. Controleer de actuele leerstof en vereiste bewoording van de exameninstantie, inclusief nationale regels en vertaalstatus.
Kan ik naar één losse term linken?
Elke term heeft een vast anker. Zo verwijst /nl/glossary#not-under-command rechtstreeks naar NUC; gebruik voor een andere taal het bijbehorende taalvoorvoegsel.
