IALACOLREG
22

Zichtbaarheid van lichten

Minimale zichtbaarheidsafstanden naar scheepslengte (tabel).

Voorschrift 22 van de Aanvaringsregels (COLREG 1972) stelt de minimumzichtbaarheidsafstanden vast voor navigatielichten op basis van de lengte van het schip. De in deze voorschriften voorgeschreven lichten moeten een lichtsterkte hebben zoals vermeld in Afdeling 8 van Bijlage I, zodat zij ten minste op de volgende afstanden zichtbaar zijn:

Op schepen van 50 meter lengte of meer:

  • Toplicht — 6 zm
  • Boordlicht — 3 zm
  • Heklicht — 3 zm
  • Sleeplicht — 3 zm
  • Wit, rood, groen of geel rondom zichtbaar licht — 3 zm

Op schepen van 12 meter lengte of meer maar minder dan 50 meter lengte:

  • Toplicht — 5 zm (behalve wanneer de lengte van het schip minder dan 20 meter is — 3 zm)
  • Boordlicht — 2 zm
  • Heklicht — 2 zm
  • Sleeplicht — 2 zm
  • Wit, rood, groen of geel rondom zichtbaar licht — 2 zm

Op schepen van minder dan 12 meter lengte:

  • Toplicht — 2 zm
  • Boordlicht — 1 zm
  • Heklicht — 2 zm
  • Sleeplicht — 2 zm
  • Wit, rood, groen of geel rondom zichtbaar licht — 2 zm

Op onopvallende, gedeeltelijk ondergedompelde gesleepte schepen of voorwerpen: - Wit rondom zichtbaar licht — 3 zm

Herkenningsvolgorde

Classificeer eerst de toestand van het schip: varend, vaart door het water lopend, gestopt, ten anker, aan de grond, slepend, vissend, in loodsdienst of in bijzondere omstandigheden.

Lees bijzondere lichten verticaal van boven naar beneden voordat je met boordlichten en heklicht het aspect bevestigt.

Bevestig het antwoord daarna met het dagmerk, de scheepslengte en eventuele extra seinen zoals sleeplichten, dekverlichting of een cilinder.

Examenfocus

Herken een schip nooit aan één kleur alleen.

Veel fouten ontstaan doordat iemand een rood licht ziet en gokt zonder het volledige lichtenbeeld te controleren.

Noemt de vraag 'vaart door het water lopend', 'varend maar gestopt', 'ten anker' of 'aan de grond', dan bepaalt die formulering meestal welke extra lichten of dagmerken verschijnen.

Kernpunten

1

Schepen >=50 m: toplicht 6 zm, alle andere lichten 3 zm

2

Schepen 12-<50 m: toplicht 5 zm (3 zm indien <20 m), boordlichten/heklicht/rondom zichtbare lichten 2 zm

3

Schepen <12 m: toplicht 2 zm, boordlichten 1 zm, heklicht/rondom zichtbare lichten 2 zm

4

Onopvallende gesleepte voorwerpen: wit rondom zichtbaar licht 3 zm

Veelgemaakte fouten

Te zwakke lichten gebruiken die de minimumzichtbaarheidsafstand niet halen

De verlaging van het toplicht naar 3 zm voor schepen van 12-20 m vergeten

Vergeten dat op schepen <12 m de afstand voor boordlichten (1 zm) kleiner is dan die voor het heklicht (2 zm)

Test je kennis

Test je kennis en bewijs je beheersing.

Laatst beoordeeld: