Voorschrift 30 van de Aanvaringsregels (COLREG 1972) schrijft lichten en dagmerken voor voor ten anker liggende schepen en aan de grond zittende schepen.
- 1in het voorschip, een rondom zichtbaar wit licht of een bol;
- 2op of nabij het hek en lager dan het voorste licht, nog een rondom zichtbaar wit licht.
- 1twee rode rondom zichtbare lichten loodrecht boven elkaar;
- 2drie bollen loodrecht boven elkaar.
- 1en
- 2voorgeschreven lichten of dagmerken te tonen.
Hier wordt een interactieve 3D-illustratie getoond. Dezelfde inhoud is beschreven in de regeltekst en de kernpunten hieronder.
Herkenningsvolgorde
Classificeer eerst de toestand van het schip: varend, vaart door het water lopend, gestopt, ten anker, aan de grond, slepend, vissend, in loodsdienst of in bijzondere omstandigheden.
Lees bijzondere lichten verticaal van boven naar beneden voordat je met boordlichten en heklicht het aspect bevestigt.
Bevestig het antwoord daarna met het dagmerk, de scheepslengte en eventuele extra seinen zoals sleeplichten, dekverlichting of een cilinder.
Examenfocus
Herken een schip nooit aan één kleur alleen.
Veel fouten ontstaan doordat iemand een rood licht ziet en gokt zonder het volledige lichtenbeeld te controleren.
Noemt de vraag 'vaart door het water lopend', 'varend maar gestopt', 'ten anker' of 'aan de grond', dan bepaalt die formulering meestal welke extra lichten of dagmerken verschijnen.
Kernpunten
Ten anker liggende schepen tonen voor een rondom zichtbaar wit licht + achter een lager licht (>=50 m); <50 m mag een enkel rondom zichtbaar wit licht tonen
Het ankerdagmerk is een zwarte bol, voor gevoerd
Aan de grond = ankersignalen PLUS twee rode lichten loodrecht (nacht) en drie bollen loodrecht (dag)
>=100 m ten anker moet dekken verlichten; kleinere schepen mogen dit doen
Schip <7 m ten anker buiten nauwe vaarwaters / vaargeulen / ankerplaatsen: geen ankerlichten of bol vereist
Schip <12 m aan de grond: hoeft de twee rode lichten en drie bollen voor aan de grond niet te tonen (maar ankerverplichtingen kunnen nog gelden)
Veelgemaakte fouten
Alleen de rode lichten voor aan de grond tonen en de ankersignalen vergeten
De ankerbol overdag vergeten
Aannemen dat kleine vaartuigen in bevaren wateren nooit ankerlichten nodig hebben
Vergeten dat een schip <12 m aan de grond is vrijgesteld van de aan-de-grond-signalen, maar nog wel ankerverplichtingen kan hebben
Test je kennis
Test je kennis en bewijs je beheersing.
Meer regels in dit Deel
- Zeilschepen varend en schepen onder riemenZeilschepen tonen boordlichten en een heklicht. Zij mogen optioneel rood boven groen als rondom zichtbare lichten bij de masttop tonen.
- Vissende schepenVissende schepen tonen groen boven wit bij trawlen, rood boven wit bij andere visserij, en boordlichten plus heklicht wanneer zij vaart lopen.
- Onmanoeuvreerbare of beperkt manoeuvreerbare schepenEen onmanoeuvreerbaar schip toont twee rode rondom zichtbare lichten loodrecht boven elkaar. Een beperkt manoeuvreerbaar schip toont rood-wit-rood rondom zichtbare lichten loodrecht boven elkaar.
- Schepen gehinderd door hun diepgangEen schip gehinderd door zijn diepgang mag drie rode rondom zichtbare lichten loodrecht boven elkaar tonen, of een cilindervormig dagmerk.
Laatst beoordeeld: