IALACOLREG
35

Geluidsseinen bij beperkt zicht

Werktuiglijk voortbewogen schip, varend — 1 lange stoot per ≤ 2 min; 2 lange stoten bij stilliggen.

Voorschrift 35 van de Aanvaringsregels (COLREG 1972) schrijft mistseinen voor bij beperkt zicht.

a
Een werktuiglijk voortbewogen schip dat vaart door het water loopt geeft een lange stoot met tussenpozen van niet meer dan 2 minuten.
b
Een werktuiglijk voortbewogen schip dat varend is maar gestopt en geen vaart door het water loopt geeft twee lange stoten achter elkaar met tussenpozen van niet meer dan 2 minuten.
c
Een onmanoeuvreerbaar schip, beperkt manoeuvreerbaar schip, schip gehinderd door zijn diepgang, zeilschip, vissend schip, of schip dat een ander schip sleept/duwt, geeft een lange stoot gevolgd door twee korte stoten met tussenpozen van niet meer dan 2 minuten.
d
Het laatste schip van een sleep moet, indien bemand, waar uitvoerbaar een lange stoot gevolgd door drie korte stoten geven.
e
Een schip ten anker moet de klok snel luiden gedurende ongeveer 5 seconden met tussenpozen van niet meer dan een minuut; een schip van 100 meter of meer laat ook achter de gong klinken. Het mag daarnaast een korte, een lange en een korte stoot geven om voor zijn positie en een mogelijke aanvaring te waarschuwen.
f
Een schip aan de grond geeft het ankerkloksein, voegt drie afzonderlijke slagen ervoor en erna toe aan het snelle luiden, en mag ook een korte, een lange en een korte stoot geven.

Werkwijze bij seinen

Bepaal eerst de context: manoeuvreren in zicht, beperkt zicht of nood.

Dezelfde fluit kan in een andere context iets heel anders betekenen.

Controleer zowel het patroon als het interval.

Bij mistseinen hoort de tijdsafstand bij de regel, niet alleen de reeks stoten.

Twijfel je aan de bedoelingen van het andere schip, geef dan vroeg het voorgeschreven waarschuwingssein in plaats van te wachten tot de situatie verslechtert.

Examenfocus

Drie korte stoten betekenen 'ik sla achteruit', geen mistsein.

Denk bij beperkt zicht aan 'elke twee minuten' voor seinen van varende schepen en 'elke minuut' voor de ankerbel.

Kernpunten

1

Varend en vaart door het water: 1 lange stoot elke 2 minuten

2

Varend maar gestopt: 2 lange stoten achter elkaar elke 2 minuten

3

Schepen met bijzondere status: 1 lange plus 2 korte stoten elke 2 minuten

4

Ankerseinen gebruiken de klok elke minuut, niet het fluitinterval van 2 minuten

Veelgemaakte fouten

Vergeten over te gaan van een lange stoot naar twee lange stoten wanneer het schip geen vaart door het water meer loopt

Ankerklokseinen verwarren met mistseinen voor varende schepen

Het optionele kort-lang-kort-waarschuwingssein van een ten anker of aan de grond liggend schip negeren

Test je kennis

Test je kennis en bewijs je beheersing.

Laatst beoordeeld: