IALACOLREG

Vergelijkingen

Tegengestelde koersen (Voorschrift 14) vs kruisende koersen (Voorschrift 15)

Twee van de drie kernsituaties met schepen in zicht in Deel B, Afdeling II van de Aanvaringsregels (COLREG 1972) lijken vanaf de stuurstand bijna hetzelfde, vooral 's nachts: een ander schip nadert ergens voorlijker dan dwars. Deel je de geometrie verkeerd in, dan pas je het verkeerde voorschrift toe.

Deze pagina brengt beide situaties terug tot de naderingshoek en de lichten die je ziet, en geeft daarna de beslisregel die ook onder druk overeind blijft.

Voorschrift 14 vs Voorschrift 15 - in een oogopslag

AspectVoorschrift 14 - tegengestelde koersenVoorschrift 15 - kruisende koersen
Activerende hoekTegengestelde of nagenoeg tegengestelde koersen, beide schepen voor elkaarKoersen die elkaar kruisen onder elke hoek die geen tegengestelde koers en geen oplopen is
Wat je 's nachts zietBEIDE boordlichten (rood EN groen) van het andere schipSlechts EEN boordlicht - rood OF groen
Wat je overdag zietHet andere schip recht van vorenHet andere schip op een convergerende peiling, ongeveer dwars zichtbaar
Wie wijkt uitBEIDE veranderen koers naar stuurboordHet schip dat het ANDERE aan stuurboord heeft, is uitwijkplichtig
Vereiste handelingElk draait naar stuurboord zodat elk aan BAKBOORD van het andere passeertHet uitwijkplichtige schip handelt vroeg en ruim; het koersvaste schip behoudt koers en vaart (Voorschrift 17)
Geluidssein bij handelen (fluit)1 korte stoot ("Ik verander koers naar stuurboord")Uitwijkplichtig: 1 kort bij draaien naar stuurboord / 2 kort bij draaien naar bakboord
Als je twijfelt welke situatie het isBehandel het als Voorschrift 14 - een symmetrische stuurboorddraai is de veilige standaardKan geen van beide schepen veilig naar stuurboord veranderen, dan moet het uitwijkplichtige schip ontwijken door vaart te minderen of naar bakboord te draaien (Voorschrift 8)

De beslisregel waar examinatoren van houden

Kijk naar de gekleurde boordlichten van het andere schip. Het aantal dat je kunt tellen, bepaalt welk voorschrift geldt.

  • Twee boordlichten (rood EN groen) = Voorschrift 14, tegengestelde koersen. Beide draaien naar stuurboord.
  • Een boordlicht = Voorschrift 15, kruisende koersen. Het schip dat het RODE licht van het andere ziet, heeft dat andere schip aan stuurboord en wijkt uit.
  • Geen boordlichten, alleen een heklicht = je bent aan het OPLOPEN (Voorschrift 13) - je wijkt uit ongeacht welk voorschrift anders zou gelden.
  • Zie je haar hek EN haar rood EN haar groen, dan zit je niet meer in Voorschrift 14 - je bent voorbij het draaipunt. Schakel naar Voorschrift 17 als koersvast schip waar dat geldt, of naar Voorschrift 13 als je achter haar dwarslijn bent geraakt.
  • Ga bij twijfel uit van tegengestelde koersen: de symmetrische stuurboorddraai (Voorschrift 14) houdt je in bijna elke onduidelijke geometrie vrij. De asymmetrische kruisregel (een schip draait, het andere niet) werkt alleen als beide schepen het eens zijn over wie uitwijkplichtig is.

Veelgestelde vragen

Wanneer is een situatie "tegengestelde koersen" onder Voorschrift 14?
Wanneer twee werktuiglijk voortbewogen schepen elkaar ontmoeten op tegengestelde of nagenoeg tegengestelde koersen en er gevaar voor aanvaring bestaat. Voorschrift 14(b) noemt de aanwijzingen: beide schepen zien het andere recht vooruit, je ziet de toplichten van het andere schip in een lijn of bijna in een lijn, EN beide boordlichten. Elk schip verandert dan koers naar stuurboord zodat elk aan BAKBOORD van het andere passeert.
Wanneer is een situatie "kruisende koersen" onder Voorschrift 15?
Wanneer twee werktuiglijk voortbewogen schepen elkaar zo kruisen dat er gevaar voor aanvaring bestaat. Het schip dat het andere aan stuurboord heeft, wijkt uit en moet, als de omstandigheden het toelaten, vermijden voor het andere schip over te lopen. Meestal zie je slechts EEN boordlicht van het andere schip - het rode als zij aan je bakboordboeg zit en jij moet uitwijken, of het groene als jij koersvast bent.
Wat is het verschil tussen Voorschrift 14 en Voorschrift 15?
Voorschrift 14 is symmetrisch - beide schepen draaien naar stuurboord. Voorschrift 15 is asymmetrisch - een schip wijkt uit, het andere houdt koers en vaart. De visuele aanwijzing: bij Voorschrift 14 zie je BEIDE boordlichten van het andere schip; bij Voorschrift 15 zie je slechts EEN boordlicht.
Wie wijkt uit bij kruisende koersen?
Het schip dat het andere aan stuurboord heeft. Ezelsbruggetje: staat zij rechts van je, dan wijk jij uit. Het uitwijkplichtige schip moet vroegtijdig en ruim handelen (Voorschrift 16) en vermijden voor het andere schip over te lopen.
Wat doet het koersvaste schip?
Volgens Voorschrift 17(a) behoudt het koersvaste schip zijn koers en vaart. Maar Voorschrift 17(a)(ii) staat toe dat het handelt zodra duidelijk wordt dat het uitwijkplichtige schip niet passend handelt. Voorschrift 17(b) verplicht het om elke handeling te nemen die een aanvaring het best voorkomt wanneer het zo dicht is genaderd dat handelen van het uitwijkplichtige schip alleen dit niet meer kan voorkomen - en Voorschrift 17(c) verbiedt het koersvaste schip naar BAKBOORD te veranderen voor een schip aan zijn eigen bakboordzijde.

Laatst beoordeeld: