Uitgewerkt: miswijzing met azimut, 4 december 2026
1De les in gewone woorden
Noteer de exacte UT van de peiling, bereken LHA en daarna het ware zonsazimut met een formule of tabellen. Een voorbeeld van een Atlantische oversteek.
De methode
Houd de boot op de voorliggende koers die je wilt controleren. Peil het hemellichaam op het kompas. Noteer UT tot op de seconde, de voorliggende koers en de logstand. Zoek GHA en Dec voor die UT op in de almanak. Bepaal daarna LHA met je gegiste lengte. Bereken het ware azimut met een formule of tabellen.
De formule
tan Z = abs(sin LHA) ÷ (cos Lat × tan Dec − sin Lat × cos LHA). Hier betekent abs de absolute waarde, dus zonder minteken. Neem breedte en declinatie noord positief, zuid negatief. Z wordt vanaf noord gemeten en ligt tussen 0° en 180°; bij een negatieve noemer is Z groter dan 90°. LHA onder 180°: Zn = 360° − Z; boven 180°: Zn = Z. Ook HO 229 en Norie's ABC-tabellen geven het azimut. Volg hun gedrukte regels voor de naamgeving.
Uitgewerkt: gegevens
4 december 2026, laat in de middag, gegiste positie 15°56′N 041°32′W. Voorliggende koers 262°C. Om 1908 UT peil je de zon op 255,6°C. Almanak voor 1908 UT: GHA 109°25,5′; Dec S22°18,7′. LHA = 109°25,5′ − 41°32′ = 067°53,5′.
Uitgewerkt: antwoord
De teller is 0,9265 en de noemer −0,4979, dus tan Z = −1,861. De inverse tangens geeft −61,7°. Een positieve teller en negatieve noemer geven kwadrant II: Z = 118,3°. Bij LHA onder 180° staat de zon westelijk: Zn = 360° − 118,3° = 241,7°T. Miswijzing = 241,7 − 255,6 = −13,9°: 13,9°W.
Deviatie
Het World Magnetic Model (WMM2025) in de plotter geeft daar een variatie van 14,8°W. Deviatie = miswijzing − variatie = −13,9 − (−14,8) = +0,9°: 0,9°E bij een voorliggende koers van 262°C.
Tijdnauwkeurigheid
Hier verandert het zonsazimut ongeveer 0,1° per minuut. Een tijdfout van een of twee minuten maakt dus weinig uit. Rond de middag of bij een hoge zon verandert het veel sneller. Leg die peiltijden nauwkeurig vast of wacht op een lagere zon.
2Stap voor stap
Miswijzing bepalen met azimut
- 1
Houd de te controleren koers vast; noteer voorliggende koers en logstand.
De deviatie hoort bij de voorliggende koers, niet bij de peiling.
- 2
Peil het hemellichaam op het kompas; noteer UT tot op de seconde.
Het ware azimut hangt via GHA en LHA van de tijd af.
- 3
Zoek GHA en Dec voor die UT op; bepaal LHA met je gegiste lengte.
Samen met de breedte bepalen ze de richting van het hemellichaam.
- 4
Bereken Z met de formule of tabellen en zet die om in Zn.
Dit is de ware peiling op het moment van je kompaspeiling.
- 5
Miswijzing = Zn − kompaspeiling; geef die aan als E (+) of W (−).
Dit is de totale correctie: variatie plus deviatie.
- 6
Deviatie = miswijzing − variatie; noteer die bij de voorliggende koers.
De variatie komt van de kaart of het WMM; de rest komt door de boot.
3Kerngegevens
- Azimutformule
- tan Z = abs(sin LHA) ÷ (cos Lat tan Dec − sin Lat cos LHA)
- Gegevens voorbeeld
- 1908 UT, 15°56′N 041°32′W, LHA 067°53,5′, Dec S22°18,7′
- Waar azimut voorbeeld
- Z 118,3°, hemellichaam west: Zn = 241,7°T
- Miswijzing voorbeeld
- 241,7 − 255,6 = −13,9°: 13,9°W
- Deviatie voorbeeld
- −13,9 − (−14,8) = 0,9°E op 262°C
4Kernpunten
- 1
Noteer de peiltijd tot op de seconde; zoek GHA, Dec en LHA voor die UT.
- 2
Z uit de formule wordt vanaf noord gemeten; volg bij tabellen hun eigen regels voor de naamgeving.
- 3
Miswijzing = Zn − kompas; deviatie = miswijzing − variatie, voor die voorliggende koers.
- 4
Kies liefst een laag hemellichaam: makkelijker te peilen en het azimut verandert langzaam.
5Veelgemaakte fouten
Fout: Noteer de deviatie bij de zonspeiling, 255,6°C.
Goed: De deviatie hangt af van de voorliggende koers van de boot. Noteer die bij de gestuurde koers, hier 262°C.
Fout: Gebruik Z uit de formule als het ware azimut.
Goed: Bij Z gemeten vanaf noord en LHA onder 180° geldt Zn = 360° − Z, hier 241,7°T. Bij LHA boven 180° geldt Zn = Z.
Fout: Gebruik de variatie op de roos van een oude kaart zonder die bij te werken.
Goed: Variatie verandert jaarlijks. Werk de roos bij tot dit jaar of gebruik het actuele WMM in de plotter.
6Praktijkgeval en examentips
Dezelfde dag en positie. Een bemanningslid peilt de zon op 255,6°C, maar noteert 1900 in plaats van 1908 UT. De berekening geeft Zn 241,0°T en deviatie 0,2°E. Hoeveel maakt deze tijdfout hier uit en wat doe je?
Toon het antwoord
Ongeveer 0,7°: het zonsazimut verandert hier bijna 0,1° per minuut. Een verschil van acht minuten verschuift Zn dus van 241,7° naar 241,0°. De deviatie wordt 0,2°E in plaats van 0,9°E. Bereken opnieuw voor 1908 UT. Het verschil is klein, maar de controle staat of valt met de tijd. Noteer UT altijd op het moment van de peiling.
Examentips
- Azimutmethode: kompaspeiling + exacte UT → GHA, Dec, LHA → Zn.
- tan Z = abs(sin LHA) ÷ (cos L tan d − sin L cos LHA). Z wordt vanaf noord gemeten; tabellen hebben eigen regels voor de naamgeving.
- Voorbeeld 4 dec 2026: Zn 241,7°T, kompas 255,6°C → 13,9°W; variatie 14,8°W → deviatie 0,9°E.
- Noteer de deviatie bij de voorliggende koers.
Dit onderdeel afronden
Als je het gelezen hebt, beantwoord je drie vragen. Heb je ze alle drie goed, dan is het onderdeel afgerond; alleen de pagina openen telt niet.
Mijn notities bij dit onderdeel
Geen notities

