Mijn modules›M1 COLREG›3. Nauw vaarwater en verkeersscheidingsstelsels
Onderdelen bekijken

Nauw vaarwater en verkeersscheidingsstelsels

Regels 9–10
Geen notities
COLREG≈ 2 min lezen

10Verkeersscheidingsstelsels

Opeenvolgende posities van hetzelfde kruisende schip: de voorliggende koers staat haaks op de verkeersstroom, terwijl de stroom de grondbaan verzet. Als kruisen noodzakelijk is, moet de voorliggende koers zo veel mogelijk haaks zijn; kruisen geeft geen voorrang.

1De regel in gewone woorden

In één zin

Volg in een verkeersscheidingsstelsel van COLREG de verkeersstroom en blijf vrij van de scheiding, met toepassing van de uitzonderingen.

Hoe gebruik je een verkeersbaan?

Vaar in de passende baan in de algemene richting van de verkeersstroom. Houd voor zover praktisch uitvoerbaar de scheidingslijn of -zone vrij. Voeg je in of verlaat je de baan bij het einde; gebruik vanaf een zijkant de kleinst praktisch uitvoerbare hoek.

Hoe steek je verkeersbanen over?

Vermijd ze voor zover praktisch uitvoerbaar. Als je moet oversteken, steek dan over op een koers die zo veel mogelijk haaks op de stroom ligt.

Wanneer mag je een kustverkeerszone gebruiken?

Als je de passende baan veilig kunt gebruiken, gebruik de zone dan niet. Vaartuigen van minder dan 20 meter, zeilschepen, vaartuigen die bezig zijn met vissen en vaartuigen die naar of van een plaats in de zone varen of onmiddellijk gevaar vermijden, mogen haar gebruiken.

Wie mag niet hinderen?

Vissende vaartuigen mogen schepen in de verkeersbaan niet hinderen; schepen onder 20 m en zeilschepen mogen daar werktuiglijk voortbewogen schepen niet hinderen. Beperkt manoeuvreerbare schepen die binnen het stelsel de navigatieveiligheid onderhouden of onderzeese kabels leggen, onderhouden of opnemen, zijn alleen voor zover nodig voor die werkzaamheden vrijgesteld.

Denkbeeldig verkeersscheidingsstelsel: schepen in een verkeersbaan volgen de algemene verkeersrichting. De zone voor kustverkeer is niet als eenrichtingsbaan weergegeven. Het gebruik daarvan en het binnenvaren van scheidingszones blijven onder voorschrift 10 vallen.
Eén schip vaart van opzij een verkeersbaan binnen en richt zich naar de verkeersstroom. De hoek met de verkeersrichting moet daarbij zo klein mogelijk zijn. Er is geen vaste numerieke hoek of passage door de scheidingszone afgebeeld.

2Kernpunten

  1. 1

    Scheidingzone: normaal niet binnengaan · noodsituatie of vissen → uitzonderingen.

  2. 2

    Einden van het stelsel → bijzondere voorzichtigheid.

  3. 3

    Ankeren in het verkeersscheidingsstelsel of nabij de uiteinden → vermijden voor zover uitvoerbaar.

  4. 4

    Het stelsel niet gebruiken → houd de grootst praktisch uitvoerbare afstand.

3Veelgemaakte fouten

  • Fout: "Een vissend vaartuig mag het verkeer hinderen als het buiten de baan is."

    Goed: Vissende vaartuigen mogen geen enkel vaartuig hinderen dat een verkeersbaan volgt.

  • Fout: "Een zeilschip mag een werktuiglijk voortbewogen vaartuig altijd hinderen."

    Goed: Noch een zeilschip noch een vaartuig van minder dan 20 meter mag de veilige doorvaart ervan hinderen.

  • Fout: "Beperkte manoeuvreerbaarheid neemt elke verplichting uit COLREG weg."

    Goed: De vrijstelling geldt alleen tijdens die werkzaamheden voor navigatieveiligheid of onderzeese kabels binnen het stelsel en alleen voor zover daarvoor nodig.

4Examentips en interpretatie

Examentips

  • Als een antwoord de kustverkeerszone en de scheidingszone door elkaar haalt, scheid dan eerst de namen voordat je het beoordeelt.
  • "Normaal", "voor zover praktisch uitvoerbaar" en "waar praktisch uitvoerbaar" veranderen de sterkte van de verplichting.
  • Bepaal bij "mag niet hinderen" wie vrij moet blijven en welk vaartuig door de regel wordt beschermd.

Hoe lees je het

  • Het stelsel organiseert het verkeer, maar geen enkele uitzondering geeft automatisch toestemming om de rest van Regel 10 te negeren.
  • Controleer bij een uitzondering de precieze situatie en beperk de manoeuvre tot wat die situatie toestaat.

5Officiële tekst

IMO COLREG 1972Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)

De volledige tekst van het voorschrift, overgenomen uit de hieronder vermelde officiële bron.

a Dit voorschrift is van toepassing op door de Organisatie aangenomen verkeersscheidingsstelsels en ontheft schepen niet van hun verplichtingen op grond van enig ander voorschrift. b Een schip dat gebruik maakt van een verkeersscheidingsstelsel dient: (i) in de passende verkeersbaan te varen in de algemene richting van de verkeersstroom voor die baan; (ii) voor zover uitvoerbaar vrij te blijven van een scheidingslijn of -zone; (iii) in het algemeen een verkeersbaan binnen te varen of te verlaten aan het uiteinde van de baan doch, wanneer de baan aan één van beide zijkanten wordt binnengevaren of verlaten, dient het zulks te doen onder een zo klein mogelijke hoek ten opzichte van de algemene richting van de verkeersstroom als uitvoerbaar is. c Een schip dient voor zover uitvoerbaar het kruisen van verkeersbanen te vermijden doch, indien het daartoe verplicht is, dient het zulks te doen met een voorliggende koers die zoveel mogelijk een rechte hoek ten opzichte van de algemene richting van de verkeersstroom benadert als uitvoerbaar is. d (i) Een schip mag een zone voor kustverkeer niet gebruiken wanneer het zonder gevaar de passende verkeersbaan binnen het aangrenzende verkeersscheidingsstelsel kan gebruiken. Schepen met een lengte van minder dan 20 meter, zeilschepen en schepen bezig met de uitoefening van de visserij mogen de zone voor kustverkeer echter wel gebruiken; (ii) Niettegenstaande het bepaalde onder (d) (i) mag een schip een zone voor kustverkeer gebruiken wanneer het onderweg is naar of van een haven, een buiten de kust gelegen installatie of contructie, een loodsstation of een andere plaats gelegen binnen de zone voor kustverkeer, of om onmiddellijk gevaar te vermijden. e Een schip, geen kruisend schip zijnde, of een schip dat een verkeersbaan binnenvaart of verlaat, mag in het algemeen niet een scheidingszone binnenvaren of een scheidingslijn kruisen behalve: (i) in noodgevallen ter vermijding van onmiddellijk gevaar; (ii) om de visserij uit te gaan oefenen binnen een scheidingszone. f Een schip varend in gebieden bij de uiteinden van verkeersscheidingsstelsels dient zulks met bijzondere voorzichtigheid te doen. g Een schip dient voor zover uitvoerbaar het ankeren in een verkeersscheidingsstelsel of in gebieden vlak bij de uiteinden daarvan te vermijden. h Een schip dat geen gebruik maakt van een verkeersscheidingsstelsel dient het met een zo ruim mogelijke marge als uitvoerbaar is te mijden. i Een schip bezig met de uitoefening van de visserij mag de doorvaart van een schip dat een verkeersbaan volgt niet belemmeren. j Een schip met een lengte van minder dan 20 meter of een zeilschip mag de veilige doorvaart van een werktuiglijk voortbewogen schip dat een verkeersbaan volgt niet belemmeren. k Een beperkt manoeuvreerbaar schip, bezig met werkzaamheden voor de instandhouding van een veilige navigatie in een verkeersscheidingsstelsel, is vrijgesteld van de naleving van dit Voorschrift, voor zover zulks nodig is om de werkzaamheden uit te voeren. l Een beperkt manoeuvreerbaar schip, bezig met het leggen van, het plegen van onderhoud aan of het opnemen van een onderzeese kabel, binnen het gebied van een verkeersscheidingsstelsel, is vrijgesteld van de naleving van dit Voorschrift, voor zover zulks nodig is om de werkzaamheden uit te voeren.

Bron: Overheid.nl – Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee (2016)

Oorspronkelijke Engelse tekst
(a) This Rule applies to traffic separation schemes adopted by the Organization and does not relieve any vessel of her obligation under any other rule. (b) A vessel using a traffic separation scheme shall: (i) proceed in the appropriate traffic lane in the general direction of traffic flow for that lane; (ii) so far as practicable keep clear of a traffic separation line or separation zone; (iii) normally join or leave a traffic lane at the termination of the lane, but when joining or leaving from either side shall do so at as small an angle to the general direction of traffic flow as practicable. (c) A vessel shall, so far as practicable, avoid crossing traffic lanes but if obliged to do so shall cross on a heading as nearly as practicable at right angles to the general direction of traffic flow. (d) (i) A vessel shall not use an inshore traffic zone when she can safely use the appropriate traffic lane within the adjacent traffic separation scheme. However, vessels of less than 20 meters in length, sailing vessels and vessels engaged in fishing may use the inshore traffic zone. (ii) Notwithstanding subparagraph (d)(i), a vessel may use an inshore traffic zone when en route to or from a port, offshore installation or structure, pilot station or any other place situated within the inshore traffic zone, or to avoid immediate danger. (e) A vessel other than a crossing vessel or a vessel joining or leaving a lane shall not normally enter a separation zone or cross a separation line except: (i) in cases of emergency to avoid immediate danger; (ii) to engage in fishing within a separation zone. (f) A vessel navigating in areas near the terminations of traffic separation schemes shall do so with particular caution. (g) A vessel shall so far as practicable avoid anchoring in a traffic separation scheme or in areas near its terminations. (h) A vessel not using a traffic separation scheme shall avoid it by as wide a margin as is practicable. (i) A vessel engaged in fishing shall not impede the passage of any vessel following a traffic lane. (j) A vessel of less than 20 meters in length or a sailing vessel shall not impede the safe passage of a power-driven vessel following a traffic lane. (k) A vessel restricted in her ability to maneuver when engaged in an operation for the maintenance of safety of navigation in a traffic separation scheme is exempted from complying with this Rule to the extent necessary to carry out the operation. (l) A vessel restricted in her ability to maneuver when engaged in an operation for the laying, servicing or picking up of a submarine cable, within a traffic separation scheme, is exempted from complying with this Rule to the extent necessary to carry out the operation.

Dit onderdeel afronden

Als je het gelezen hebt, koppel je de begrippen en beantwoord je daarna drie vragen. Heb je alles goed, dan is het onderdeel afgerond; alleen de pagina openen telt niet.

Mijn notities bij dit onderdeel

Geen notities