EPIRB, SART en PLB gebruiken om te overleven
1De les in gewone woorden
Laat de EPIRB aan en drijven volgens de instructies. Schakel de SART in en plaats hem hoog. Houd de antenne van een PLB rechtop en uit het water.
EPIRB
Schakel de EPIRB in en laat hem aan. Hij verstuurt via satellieten een noodmelding op 406 MHz met zijn identiteit en, bij een GNSS-uitvoering, zijn satellietpositie. GNSS betekent satellietplaatsbepaling. Het signaal op 121,5 MHz helpt redders je uit te peilen. Volg de instructies: een automatisch vrijkomend model werkt het best drijvend aan zijn borglijn, vastgemaakt aan het vlot, met de antenne rechtop. Sommige hebben een lampje voor Return Link Service (RLS) dat aangeeft dat de noodmelding is ontvangen.
SART
Schakel de SART (opsporings- en reddingstransponder) in en plaats hem hoog op zijn stok of de overkapping. Hoogte vergroot het bereik. Een radar-SART antwoordt op de 9 GHz-radar van een schip of vliegtuig. Op hun scherm verschijnt een lijn van 12 stippen, vanaf jouw positie naar buiten. Een AIS-SART verschijnt als speciaal doel op AIS, het automatische identificatiesysteem dat scheepsposities weergeeft. Gebruik de SART samen met de EPIRB.
PLB
Een PLB (persoonlijk noodbaken) werkt als een kleine EPIRB voor één persoon, meestal minstens 24 uur. De meeste schakel je met de hand in en houd je met de antenne omhoog, uit het water. Houd een PLB klaar als reserve en volg de aanwijzingen van redders. Zet een actief noodbaken niet steeds aan en uit om stroom te sparen.
Andere signalen
Houd de draagbare marifoon droog. Zijn redders dichtbij, roep dan op kanaal 16 met je positie en luister naar de instructies. Gebruik bij zon de seinspiegel: die is van ver zichtbaar. Gebruik noodvuurwerk en oranje rook wanneer redders die kunnen zien. Volg de instructies van elk middel.
2Kernpunten
- 1
EPIRB aan en aan laten: noodmelding op 406 MHz en uitpeilen op 121,5 MHz.
- 2
Een automatisch vrijkomende EPIRB werkt het best drijvend aan zijn borglijn, met de antenne omhoog.
- 3
Radar-SART: 12 stippen op de radar van redders; AIS-SART op AIS-schermen.
- 4
Schakel de SART samen met de EPIRB in en plaats hem hoog: het bereik hangt af van de hoogte.
- 5
PLB: met de hand inschakelen, antenne omhoog en uit het water.
3Veelgemaakte fouten
Fout: Zet de EPIRB uit zodra je hoort dat de melding ontvangen is.
Goed: Laat hem aan. Redders gebruiken zijn signalen om je uit te peilen tot ze je gevonden hebben.
Fout: De SART werkt even goed op de bodem van het vlot.
Goed: Dicht bij het water neemt zijn bereik sterk af. Plaats hem zo hoog mogelijk.
4Praktijkgeval en examentips
Je EPIRB en radar-SART staan zes uur aan. De SART staat hoog en het RLS-lampje van de EPIRB bevestigt ontvangst. Een bemanningslid stelt voor beide uit te zetten om stroom te sparen. Er verschijnt een schip aan de horizon. Wat doe je?
Toon het antwoord
Laat beide apparaten aan. RLS bevestigt ontvangst, niet dat een reddingsactie gestart is. Controleer of de radar-SART hoog blijft staan en de EPIRB volgens de instructies wordt gebruikt. Roep het schip op kanaal 16 met de draagbare marifoon, geef je positie en volg de instructies. Gebruik noodvuurwerk als het schip dichtbij genoeg is om het te zien.
Examentips
- EPIRB: satellietnoodmelding op 406 MHz met identiteit en positie indien uitgerust; uitpeilen op 121,5 MHz; aan laten.
- Het RLS-lampje bevestigt ontvangst van de noodmelding, niet dat een reddingsactie gestart is.
- Radar-SART: 12 stippen op X-bandradar (9 GHz); AIS-SART op AIS; samen met EPIRB inschakelen en hoog plaatsen.
- PLB: handmatig, antenne omhoog, meestal minstens 24 uur.
Dit onderdeel afronden
Als je het gelezen hebt, beantwoord je drie vragen. Heb je ze alle drie goed, dan is het onderdeel afgerond; alleen de pagina openen telt niet.
Mijn notities bij dit onderdeel
Geen notities
