Mijn modules›M15 Recht en wacht›19. Aangewezen beveiligingstaken: toegangscontrole, doorzoekingen en beveiligingsuitrusting (STCW A-VI/6-2)
Onderdelen bekijken

Aangewezen beveiligingstaken: toegangscontrole, doorzoekingen en beveiligingsuitrusting (STCW A-VI/6-2)

Recht en wacht≈ 4 min lezen

Personen, bagage, scheepsvoorraden en het schip doorzoeken

1De les in gewone woorden

In één zin

Een goede doorzoeking volgt een vast patroon. Je zoekt naar dreigingen, respecteert privacy en stopt bij een verdacht voorwerp.

Wat je doorzoekt

Het plan bepaalt welke personen, tassen, voertuigen en scheepsvoorraden je bij elk niveau doorzoekt. Let op wapens, explosieven, drugs, verstekelingen en sporen van geknoei: tekenen dat iets veranderd of beschadigd is. Gebruik de met de haven afgesproken doorzoekingsplek. Houd gecontroleerde personen en voorwerpen gescheiden van ongecontroleerde. Bij hogere niveaus nemen doorzoekingen toe. Ze kunnen een deel van het schip of het hele schip omvatten.

Personen en bagage

Leg de doorzoeking uit en vraag toestemming. Weigering kan betekenen dat je toegang weigert. Gebruik een metaaldetector of een fouillering (met de handen over de kleding controleren). Laat een gewone fouillering uitvoeren door iemand van hetzelfde geslacht, met een getuige erbij. Is niemand beschikbaar, stel toegang dan uit en vraag de SSO om instructies. Laat de eigenaar zelf tassen openen. Respecteer privacy en religieuze gebruiken.

Voorraden en voertuigen

Vergelijk leveringen met de scheepsbestelling en controleer verzegelingen en verpakking. Weiger onverwachte goederen en berg gecontroleerde voorraden veilig op. Controleer bij voertuigen de bestuurder, passagiers en leveringspapieren afzonderlijk. Laat de bestuurder de cabine, bagage- en laadruimten openen voor controle volgens je opleiding en het plan. Controleer bereikbare schuilplaatsen en beveilig gecontroleerde voertuigen. Kruip niet onder een voertuig en demonteer niets, tenzij dat toegestaan en veilig is. Stop en meld alles wat verdacht is.

Het schip doorzoeken

Vóór vertrek, of bij een dreiging, organiseert de SSO een systematische doorzoeking. Elk team krijgt een gebied en een controlelijst. Werk met z'n tweeën. Doorzoek elke ruimte van vloer tot plafond volgens een vast patroon, met overlap met het volgende team. Let op verstekelingen, onbekende pakketten, sporen van geknoei, losse panelen en vers verf- of laswerk. Inspecteer lege constructieruimten alleen vanuit veilige openingen. Besloten ruimten mag je alleen betreden volgens de toegangsprocedure van het schip.

Als je iets vindt

Raak een verdacht voorwerp niet aan. Verplaats of open het niet. Markeer de plek, trek je terug, houd anderen op afstand en meld het aan de SSO. Behandel een verstekeling menselijk: zorg voor diens veiligheid, bedreig die niet en meld het aan de kapitein.

2Stap voor stap

Een ruimte aan boord doorzoeken

  1. 1

    Ga met je controlelijst, zaklamp en portofoon naar je toegewezen gebied. Doorzoek het met een collega.

    Een plan voorkomt dat je iets overslaat. Een collega biedt veiligheid en is getuige.

  2. 2

    Sta stil, luister en bekijk de hele ruimte voordat je iets verplaatst.

    Geluiden en afwijkende zaken vallen eerder op voordat je iets in de ruimte verandert.

  3. 3

    Doorzoek toegestane ruimten in lagen, vanaf dekhoogte omhoog. Inspecteer lege constructieruimten vanuit veilige openingen. Betreed besloten ruimten alleen volgens de toegangsprocedure van het schip.

    Een vast patroon voorkomt dat je iets overslaat. Een doorzoekingsopdracht geeft geen toestemming om besloten ruimten te betreden.

  4. 4

    Stop bij een verdacht voorwerp. Raak het niet aan. Trek je terug, houd anderen weg en meld het vanaf een veilige plek. Meld de ruimte niet als vrijgegeven.

    Aanraken kan het voorwerp laten afgaan. Na een gestopte doorzoeking blijft een mogelijk gevaar bestaan.

  5. 5

    Meld de voortgang. Meld en markeer de ruimte pas als vrijgegeven als de volledige doorzoeking niets verdachts oplevert, volgens het plan. Meld gestopte of onvolledige doorzoekingen als zodanig.

    Een juiste melding vertelt de SSO welke ruimten vrijgegeven zijn en waar nog actie nodig is.

3Kerngegevens

Fouillering
Door iemand van hetzelfde geslacht; anders toegang uitstellen en SSO raadplegen
Scheepsvoorraden
Met bestelling vergelijken en daarna meteen veilig opbergen
Zoekpatroon
Vanaf dek omhoog; lege constructieruimten alleen vanuit veilige openingen bekijken
Verdacht voorwerp
Niet aanraken; markeren, terugtrekken, melden

4Kernpunten

  1. 1

    Het plan bepaalt welk deel van de personen, tassen, voertuigen en voorraden je bij elk niveau doorzoekt.

  2. 2

    Leg uit, vraag toestemming en respecteer privacy. Gewone fouillering: door iemand van hetzelfde geslacht; anders toegang uitstellen en SSO raadplegen.

  3. 3

    Vergelijk voorraden met de bestelling en berg ze meteen veilig op.

  4. 4

    Doorzoek het schip met z'n tweeën, per gebied en in lagen, met overlap met andere teams.

  5. 5

    Raak verdachte voorwerpen nooit aan. Behandel verstekelingen menselijk en meld ze.

5Veelgemaakte fouten

  • Fout: Doorzoek zelf de tas van een passagier terwijl die buiten de ruimte wacht.

    Goed: Laat de eigenaar de tas openen waar jij en een getuige bij zijn. Dat beschermt jullie beiden.

  • Fout: Breng een verdachte doos naar het dek zodat deskundigen die beter kunnen bekijken.

    Goed: Verplaats die nooit. Markeer de plek, vertrek, houd anderen weg en meld het aan de SSO.

  • Fout: Voorraden van de vaste leverancier mogen rechtstreeks naar de voorraadruimte.

    Goed: Vergelijk elke levering met de bestelling en controleer op sporen van geknoei voordat die aan boord komt.

6Praktijkgeval en examentips

Situatie

Tijdens een doorzoeking vóór vertrek openen jij en een collega een verfbergplaats. Jullie vinden een sporttas die niet op de voorraadlijst staat. Uit de rits steekt een kabel.

Toon het antwoord

Raak de tas niet aan en open die niet. Verlaat de verfbergplaats met je collega en houd anderen weg. Noteer de precieze plaats en een beschrijving. Meld het vanaf een veilige afstand via de portofoon aan de SSO. Volg eventuele instructies voor radiogebruik bij het voorwerp. Zoek niet verder in de buurt totdat de SSO beslist wat er moet gebeuren.

Examentips

  • Het SSP bepaalt per niveau hoeveel je doorzoekt. Houd gecontroleerde en ongecontroleerde personen gescheiden.
  • Personen: toestemming, controleur van hetzelfde geslacht, getuige, privacy; anders toegang uitstellen en SSO raadplegen. Eigenaar opent tassen.
  • Vergelijk voorraden met de bestelling en berg ze veilig op. Weiger onverwachte goederen.
  • Schip doorzoeken: toegewezen gebieden, tweetallen, lagen, overlap. Raak verdachte voorwerpen nooit aan.

Dit onderdeel afronden

Als je het gelezen hebt, beantwoord je drie vragen. Heb je ze alle drie goed, dan is het onderdeel afgerond; alleen de pagina openen telt niet.

Mijn notities bij dit onderdeel

Geen notities