Mijn modules›M6 Meteorologie›3. Een zeeweerbericht ophalen: bronnen, termen en tijden
Onderdelen bekijken

Een zeeweerbericht ophalen: bronnen, termen en tijden

Meteorologie≈ 3 min lezen

Weertermen: wind, zeegang en zicht

1De les in gewone woorden

In één zin

Controleer de definities van de uitgevende dienst. Een scheepvaartverwachting gebruikt termen voor gemiddelde wind, significante golfhoogte en zicht.

Windkracht

Scheepvaartverwachtingen geven de wind volgens de schaal van Beaufort: van windkracht 0, windstil, tot windkracht 12, orkaankracht. Elke windkracht omvat een bereik van gemiddelde windsnelheden: windkracht 4 is 11–16 knopen, windkracht 6 is 22–27 knopen en windkracht 8 is 34–40 knopen. Een knoop is één zeemijl per uur. De pagina over de schaal van Beaufort in deze module toont alle dertien windkrachten met kenmerken van de zee.

Windstoten en stormwaarschuwingen

De voorspelde windkracht geeft de gemiddelde windsnelheid aan. Een windstoot is een korte uitschieter van enkele seconden boven het gemiddelde. Gale betekent stormachtig, windkracht 8. Het Met Office geeft ook een stormwaarschuwing bij windstoten van 43–51 knopen. Veel kustdiensten waarschuwen voor kleine vaartuigen al eerder, bijvoorbeeld bij windkracht 6 of 7. Frankrijk waarschuwt in de kuststrook vanaf windkracht 7.

Richtingstermen

De windrichting geeft aan waar de wind vandaan komt: westenwind komt uit het westen. Ruimend (veering) betekent dat de richting met de klok mee draait, bijvoorbeeld van zuidwest naar west. Krimpend (backing) is tegen de klok in, bijvoorbeeld van west naar zuidwest. Cyclonaal (cyclonic) betekent dat de wind binnen het verwachtingsgebied rond een lagedrukgebied waait, waardoor de richting per plaats verschilt.

Zeegang

Zeegang beschrijft de golfhoogte; sommige berichten geven de deining apart. Het gaat om significante golfhoogten: de gemiddelde hoogte van het hoogste derde deel van de golven. Afzonderlijke golven kunnen veel hoger zijn. Britse/Spaanse termen: smooth/marejadilla 0,1–0,5 m; slight/marejada 0,5–1,25 m; moderate/fuerte marejada 1,25–2,5 m; rough/gruesa 2,5–4 m; very rough/muy gruesa 4–6 m.

Zicht (Brits Met Office)

Goed (good): meer dan 5 zeemijl (NM). Matig (moderate): 2–5 NM. Slecht (poor): 1.000 m tot 2 NM. Zeer slecht (very poor): minder dan 1.000 m. Mist kan zeer slecht zicht veroorzaken, maar zware regen of sneeuw ook. Controleer de definities van de uitgevende dienst. ‘Af en toe slecht’ betekent slecht zicht tijdens een deel van de verwachtingsperiode.

2Kerngegevens

Gale (windkracht 8, stormachtig)
Gemiddeld 34–40 knopen; Britse waarschuwing ook bij stoten van 43–51 knopen
Ruimend / krimpend
Windrichting draait met de klok mee / tegen de klok in
Significante golfhoogte: slight / moderate
Slight/marejada 0,5–1,25 m; moderate/fuerte marejada 1,25–2,5 m
Significante golfhoogte: rough / very rough
Rough/gruesa 2,5–4 m; very rough/muy gruesa 4–6 m
Brits zicht: goed / matig
Meer dan 5 NM / 2–5 NM
Brits zicht: slecht / zeer slecht
1.000 m tot 2 NM / minder dan 1.000 m

3Kernpunten

  1. 1

    Beaufort geeft een bereik voor de gemiddelde wind; windstoten zijn sterker.

  2. 2

    Gale betekent stormachtig: windkracht 8, 34–40 knopen. Kustwaarschuwingen kunnen al bij windkracht 6 of 7 beginnen.

  3. 3

    Je noemt de wind naar de richting waaruit hij waait. Ruimend is met de klok mee, krimpend tegen de klok in.

  4. 4

    Moderate: significante golfhoogte 1,25–2,5 m; rough: 2,5–4 m. Afzonderlijke golven kunnen hoger zijn.

  5. 5

    Brits zeer slecht zicht is minder dan 1.000 m. Mist, zware regen of sneeuw kunnen dit veroorzaken.

4Veelgemaakte fouten

  • Fout: Windkracht 5 betekent dat de wind nooit sterker wordt dan 21 knopen.

    Goed: Windkracht 5 is een gemiddelde wind van 17–21 knopen. Windstoten kunnen veel sterker zijn. De verwachting kan ook ‘af en toe 6’ aangeven.

  • Fout: Een noordenwind waait naar het noorden.

    Goed: Je noemt de wind naar de richting waaruit hij waait. Een noordenwind waait vanuit het noorden naar het zuiden.

  • Fout: ‘Moderate’ betekent prettige omstandigheden voor elke kleine boot.

    Goed: Bij ‘moderate’ zeegang is de significante golfhoogte 1,25–2,5 m. Afzonderlijke golven kunnen hoger zijn. Dat kan zwaar of gevaarlijk zijn voor een kleine open boot.

5Praktijkgeval en examentips

Situatie

Het Britse bericht luidt: ‘Zuidwest 4 of 5, ruimend west 6. Slight of moderate. Buien. Goed, af en toe slecht.’ Je bemanning verwacht constante wind, geen golven boven het genoemde bereik en steeds goed zicht. Wat moet je corrigeren?

Toon het antwoord

De gemiddelde wind komt uit het zuidwesten met 11–21 knopen en draait met de klok mee naar west met 22–27 knopen. Windstoten kunnen sterker zijn. De significante golfhoogte is 0,5–2,5 m; afzonderlijke golven kunnen hoger zijn. Goed zicht is meer dan 5 NM, maar ‘af en toe slecht’ betekent dat het tijdens een deel van de periode kan dalen tot 1.000 m–2 NM. Wind, afzonderlijke golven en zicht blijven niet op één waarde.

Examentips

  • Beaufort = bereik van de gemiddelde wind; gale betekent stormachtig, windkracht 8 (34–40 knopen).
  • Ruimend = met de klok mee; krimpend = tegen de klok in; je noemt de wind naar de richting waaruit hij waait.
  • Zeegangstermen geven significante golfhoogten; Brits zeer slecht zicht is minder dan 1.000 m.

Dit onderdeel afronden

Als je het gelezen hebt, koppel je de begrippen en beantwoord je daarna drie vragen. Heb je alles goed, dan is het onderdeel afgerond; alleen de pagina openen telt niet.

Mijn notities bij dit onderdeel

Geen notities