Voordat de helikopter komt: marifoon en boot voorbereiden
1De les in gewone woorden
Een helikopterredding verloopt goed als je boot klaar is voordat de helikopter komt. Houd marifooncontact, maak het dek vrij en stuur precies zoals de helikopterbemanning vraagt.
Wie beslist
Het reddingscoördinatiecentrum (RCC) stuurt de helikopter; zie Zoeken en redden. Onderweg roept het RCC of de helikopterbemanning je op via de marifoon, vaak op kanaal 16. Daarna schakel je over naar het opgegeven werkkanaal. Houd een draagbare marifoon bij de stuurstand, zodat de stuurman elke instructie hoort. Vlak bij de helikopter is het lawaai enorm. Spreek daarom vooraf eenvoudige handseinen af.
Wat ze moeten weten
Geef je positie, het aantal opvarenden, de toestand van het slachtoffer en een beschrijving van de boot: type, lengte, kleuren van romp en zeilen, en masthoogte. Meld wind en zeegang op jouw positie. Noem gevaren zoals een hoge mast, een achterstag of een antennebeugel. De helikopterbemanning bepaalt de methode. Volg hun instructies precies op.
Help ze je te vinden
Overdag toont een oranje rooksignaal je positie en de windrichting. Gebruik 's nachts een rood handstakellicht of een felle zaklamp, en alleen wanneer de helikopterbemanning kan zien waar ze moet kijken. Vuur nooit een parachuteraket af als er een helikopter in de buurt is: die kan de helikopter raken of de bemanning verblinden. Richt licht omlaag op je dek, nooit op de cockpit van de helikopter.
Maak het dek vrij
De neerwaartse luchtstroom van de rotor kan sterker zijn dan een storm en maakt veel lawaai. Sjor alles wat losligt vast of berg het op: kussens, zeilhoezen, de bijboot en emmers. Strijk de zeilen, bind ze vast en zet de giek vast, tenzij de helikopterbemanning je wil laten doorzeilen. Maak de aangewezen plek voor het overnemen vrij, vaak de kuip of het achterdek. Iedereen draagt een reddingsvest.
Stuur volgens instructie
De helikopterbemanning vraagt om een vaste koers en snelheid. Vaak moet je langzaam op de motor varen met de wind ongeveer 30° op de bakboordboeg, links van de boeg. Dat past bij de aanvliegroute. Zonder motor moet je soms hoog aan de wind zeilen, met de wind van bakboord en weinig zeil. Zet je beste stuurman aan het roer. Laat die op het kompas sturen en nooit omhoogkijken.
2Stap voor stap
Helikopter onderweg: maak de boot klaar
- 1
Iedereen een reddingsvest aan; wie aan dek is ook een veiligheidsharnas.
De rotorluchtstroom en buiswater kunnen mensen omverwerpen.
- 2
Sjor losse spullen vast of berg ze op; strijk en bind zeilen vast, tenzij anders gevraagd.
Losse spullen kunnen in de rotor waaien.
- 3
Maak de door de helikopterbemanning aangewezen plek vrij.
De reddingswerker heeft ruimte nodig om neer te komen en te werken.
- 4
Laat de beste stuurman de opgegeven koers en snelheid aanhouden.
De piloot houdt positie boven een boot die voorspelbaar beweegt.
- 5
Geef de stuurman een draagbare marifoon; spreek handseinen af.
De instructies moeten ondanks het lawaai de stuurman bereiken.
- 6
Leg het afgesproken zichtbare signaal klaar; gebruik het op verzoek.
Zo vindt de helikopterbemanning je zonder een gevaarlijke raket.
3Kerngegevens
- Eerste contact
- Vaak marifoonkanaal 16, daarna een door het RCC genoemd werkkanaal
- Vaak gevraagde koers
- Vast, langzaam, wind ongeveer 30° op de bakboordboeg
- Je positie markeren
- Overdag oranje rook; 's nachts rood handstakellicht of zaklamp
- Nooit doen
- Een parachuteraket afvuren bij een helikopter
- Nederlandse termen
- Reddingshelikopter; evacuatie; neerwaartse rotorluchtstroom
4Kernpunten
- 1
Houd een draagbare marifoon bij de stuurstand en spreek handseinen af voordat de helikopter komt.
- 2
Geef positie, aantal opvarenden, toestand van het slachtoffer, bootbeschrijving en masthoogte.
- 3
Markeer je positie overdag met oranje rook; vuur nooit een parachuteraket af bij een helikopter.
- 4
Sjor alles wat losligt vast en maak de overnameplek vrij: de rotorluchtstroom kan sterker zijn dan een storm.
- 5
Stuur de gevraagde koers en snelheid op het kompas, zonder omhoog te kijken.
5Veelgemaakte fouten
Fout: Leg de boot stil, zodat de helikopter een stilstaand doel heeft.
Goed: Houd de koers en snelheid aan die de helikopterbemanning vraagt. Boven een gelijkmatig varende boot is het makkelijker positie te houden.
Fout: Vuur een parachuteraket af, zodat de helikopter je vindt.
Goed: Een raket kan de helikopter raken. Gebruik overdag oranje rook en 's nachts een handstakellicht of zaklamp.
Fout: Volg vanaf het roer de reddingswerker om te zien hoe het gaat.
Goed: De stuurman stuurt op het kompas en kijkt nooit omhoog. Een ander bemanningslid kijkt en geeft seinen door.
6Praktijkgeval en examentips
Op twintig zeemijl uit de kust wordt een bemanningslid ernstig ziek. Het RCC zegt dat er over 40 minuten een helikopter komt. Je zeilt bij 15 knopen wind met vol grootzeil en genua. De motor werkt. Wat doe je voor de helikopter aankomt?
Toon het antwoord
Laat iedereen een reddingsvest aantrekken. Rol de genua in, strijk het grootzeil en bind het vast. Zet de giek vast. Berg losse spullen op of sjor ze vast en maak de kuip of het achterdek vrij. Geef de stuurman een draagbare marifoon en spreek handseinen af. Meld bij de oproep je positie, wind en masthoogte. Stuur daarna precies volgens instructie.
Examentips
- Contact via het RCC op de marifoon; draagbare marifoon bij het roer; handseinen afgesproken.
- Dek vrij, zeilen gestreken en vastgebonden, losse spullen opgeborgen: rotorluchtstroom.
- Vaste koers en snelheid volgens instructie; vaak wind ongeveer 30° op de bakboordboeg.
- Overdag oranje rook; nooit een parachuteraket bij een helikopter.
Dit onderdeel afronden
Als je het gelezen hebt, beantwoord je drie vragen. Heb je ze alle drie goed, dan is het onderdeel afgerond; alleen de pagina openen telt niet.
Mijn notities bij dit onderdeel
Geen notities

