Onderdelen bekijkenAangewezen beveiligingstaken: toegangscontrole, doorzoekingen en beveiligingsuitrusting (STCW A-VI/6-2)
De toegang tot het schip controleren
1De les in gewone woorden
De loopplank is de voordeur van het schip. Met aangewezen beveiligingstaken bepaal je wie aan boord komt. Je controleert iedereen, elke keer.
Je taken
Krijg je volgens het scheepsbeveiligingsplan (SSP) aangewezen beveiligingstaken, zoals loopplankwacht, doorzoekingen of patrouilles? Dan vereist STCW-voorschrift VI/6 een opleiding volgens tabel A-VI/6-2, naast beveiligingsbewustwording. Onder de scheepsbeveiligingsbeambte (SSO) voer je de maatregelen uit het plan uit. Praktische oefeningen, zoals doorzoekingen en materiaalcontroles, doe je tijdens je goedgekeurde opleiding.
Elke toegang
Toegangscontrole geldt voor elke route aan boord: de loopplank, statietrap, loodsladder, laadkleppen, trossen, ankerketting en de scheepszijde van de kade af. Ongebruikte toegangen zijn afgesloten, vergrendeld of bewaakt. De loopplankwacht blijft met een portofoon bij de loopplank tot de aflossing er is.
Personen controleren
Vergelijk de foto op het identiteitsbewijs met het gezicht. Controleer de reden voor het bezoek aan de hand van de bemanningslijst, bezoekerslijst, werkopdracht of bevestiging door een officier. Bezoekers tekenen het bezoekersregister (naam, bedrijf, doel, aankomst- en vertrektijd), dragen een genummerde bezoekerspas en worden begeleid of opgehaald volgens het plan. Ook terugkerende bemanningsleden tonen hun pas of identiteitsbewijs. Weiger wie niet kan aantonen wie die is en waarom die komt. Roep de officier van de wacht (OOW).
Hogere niveaus
Bij niveau 2 kan het plan het aantal toegangen beperken, begeleiding voor alle bezoekers eisen en meer doorzoekingen voorschrijven. Bij niveau 3 kan toegang beperkt worden tot één gecontroleerde plek, alleen voor mensen die de dreiging aanpakken.
Schip en haven
Moeten het schip en een havenfaciliteit, of een ander schip, afspreken wie welke beveiligingstaak uitvoert? Dan kunnen ze een beveiligingsverklaring (DoS) ondertekenen. De SSO regelt dit, maar het kan veranderen wat jij bij de loopplank controleert.
2Stap voor stap
Bij de loopplank, voor elke bezoeker
- 1
Houd de persoon bovenaan de loopplank tegen en begroet die beleefd.
Niemand loopt ongecontroleerd aan boord. Een beleefde aanpak houdt de controle rustig.
- 2
Controleer het identiteitsbewijs met foto en de bezoekreden aan de hand van de verwachte-bezoekerslijst of een werkopdracht.
Een geldig identiteitsbewijs alleen toont niet aan dat iemand aan boord moet zijn.
- 3
Doorzoek of screen de persoon en diens tassen volgens het plan voor het huidige niveau.
Wapens, drugs of gevaarlijke apparaten mogen de toegang niet passeren.
- 4
Schrijf de bezoeker in het bezoekersregister in en geef een genummerde pas.
Het register laat steeds zien wie aan boord is. Dat is belangrijk bij een noodsituatie.
- 5
Regel begeleiding of roep de persoon voor wie de bezoeker komt.
Bezoekers mogen niet zomaar ruimten met beperkte toegang inlopen.
- 6
Neem bij vertrek de pas in en noteer de vertrektijd.
Een ontbrekende pas of open registratie kan betekenen dat iemand nog aan boord is.
3Kerngegevens
- STCW-opleiding
- Voorschrift VI/6; tabel A-VI/6-2 van de STCW-code
- Bezoekersregister
- Naam, bedrijf, doel, pasnummer, aankomst- en vertrektijd
- Toegang bij niveau 3
- Kan beperkt zijn tot één gecontroleerde toegang
- Toegang bij niveau 1
- Vaste checks volgens plan: identiteit, bezoekreden, register, pas, begeleiding
4Kernpunten
- 1
Controleer elke toegang, ook ladders, laadkleppen, trossen en de zijde van de kade af.
- 2
Controleer identiteit en bezoekreden. Een geldig identiteitsbewijs alleen is niet genoeg.
- 3
Registreer elke bezoeker, geef een pas, regel begeleiding of ontvangst volgens het SSP en noteer het vertrek.
- 4
Weiger wie niet kan aantonen wie die is en waarom die komt. Roep de OOW.
- 5
Pas de extra toegangscontroles uit het SSP toe bij niveau 2 en 3.
5Veelgemaakte fouten
Fout: Iemand in bedrijfskleding hoef je niet te controleren.
Goed: Bedrijfskleding kan gekocht of gestolen zijn. Controleer bij iedereen het identiteitsbewijs en de bezoekreden.
Fout: Bemanningsleden mogen altijd aan boord lopen zonder iets te tonen.
Goed: Ook bemanningsleden die van de wal terugkomen, tonen hun identiteitsbewijs of scheepspas volgens het plan.
6Praktijkgeval en examentips
Je hebt loopplankwacht bij niveau 1. Een man zegt dat hij van een radarservicebedrijf komt, op verzoek van de tweede stuurman. Hij heeft een bedrijfspas, maar geen werkopdracht. De verwachte-bezoekerslijst is leeg.
Toon het antwoord
Laat hem bovenaan de loopplank wachten. Vraag via de portofoon aan de officier van de wacht of de tweede stuurman of hij verwacht wordt. Zo ja, vergelijk zijn gezicht met de foto op zijn identiteitsbewijs. Doorzoek of screen zijn gereedschapstas volgens het plan, registreer hem, geef hem een pas en regel begeleiding. Verwacht niemand hem, weiger dan beleefd de toegang en meld het.
Examentips
- STCW VI/6 en tabel A-VI/6-2 voor aangewezen beveiligingstaken.
- Controleer alle toegangen. Controleer bij elk bezoek de identiteit en bezoekreden.
- Bezoekersregister, genummerde pas, begeleiding of ontvangst volgens het SSP, vertrek registreren.
- Beveiligingsverklaring: schip en havenfaciliteit (of schip) spreken beveiligingstaken af.
Dit onderdeel afronden
Als je het gelezen hebt, beantwoord je drie vragen. Heb je ze alle drie goed, dan is het onderdeel afgerond; alleen de pagina openen telt niet.
Mijn notities bij dit onderdeel
Geen notities
