Onderdelen bekijkenBouw van het lichaam, shock, elektrocutie en een slachtoffer verplaatsen (STCW A-VI/1-3)
Een slachtoffer verplaatsen: brancards en hijsen aan boord
1De les in gewone woorden
Steile ladders, luiken en machinekamers bemoeilijken het verplaatsen. Verplaats alleen als het moet, met de juiste brancard en voldoende mensen.
Wanneer verplaatsen
Behandel een slachtoffer waar het ligt, tenzij de plek gevaarlijk is door bijvoorbeeld brand, rook, gas, instromend water of machines, of behandeling daar onmogelijk is. Verplaatsen kan letsel verergeren, vooral aan de wervelkolom. Verplaats alleen zover als nodig om gevaar te ontlopen of noodzakelijke zorg mogelijk te maken. Wacht anders op de brancardploeg die in de alarmrol staat.
Noodverplaatsingen
Moet je snel uit gevaar weg, sleep het slachtoffer dan over het dek aan de kleding bij de schouders. Ondersteun het hoofd tussen je onderarmen. Slepen op een deken kan ook. Til een zwaar slachtoffer nooit alleen. Twee opgeleide personen kunnen met hun handen een zitje vormen voor een meewerkend slachtoffer zonder vermoedelijk ernstig letsel. Til vanuit je benen met rechte rug en spreek vooraf het tilcommando af.
Scheepsbrancards
De Neil Robertson-brancard bestaat uit canvas met houten of bamboe latten. Hij sluit rond het slachtoffer voor verticaal hijsen door nauwe openingen, als hij voor diens toestand en de geplande hijsbeweging is goedgekeurd. De Stokes-mandbrancard is een stijve mand van draadwerk of kunststof voor dragen en goedgekeurd hijsen. Een schepbrancard valt uiteen in twee helften. Een opgeleide ploeg kan die met weinig beweging onder het slachtoffer plaatsen. Neem nooit aan dat hij voor hijsen is goedgekeurd. Weet waar de brancards aan boord liggen.
Dragen aan boord
Plan de route en maak die vrij. Zet het slachtoffer met banden vast volgens de brancardinstructies. Gebruik voldoende opgeleide dragers voor uitrusting en route, met één leider die commando's geeft. Draag op geschikte trappen omhoog met het hoofd voorop; op vlakke stukken met de voeten voorop. Blijf het slachtoffer ondersteunen en controleren. Gebruik bij steile ladders of verticale openingen de goedgekeurde reddingshijsvoorziening van het schip. Probeer geen beladen brancard een steile ladder op te dragen.
Verticaal hijsen
Een opgeleide reddingsploeg kiest een brancard die past bij de toestand van het slachtoffer en de geplande hijsbeweging. Gebruik de goedgekeurde hijsuitrusting voor slachtoffers aan boord. Laat opgeleid personeel die aanbrengen volgens de instructies en voorgeschreven hijspunten. Een geleidelijn aan het voeteneinde stabiliseert de brancard. De bediener blijft buiten de valbaan. Alleen de opgeleide ploeg met ademluchttoestellen betreedt een mogelijk onveilige ruimte. Betredingsregels staan in Wetgeving: persoonlijke veiligheid en Touwwerk: veilig werken aan dek.
2Kerngegevens
- Alleen verplaatsen bij
- Gevaar ter plaatse of onmogelijkheid daar te behandelen
- Neil Robertson
- Omsluit slachtoffer; verticaal hijsen als geschikt en goedgekeurd
- Stokes-mandbrancard
- Stijve mand; dragen en goedgekeurd hijsen
- Schepbrancard
- Twee losse helften beperken beweging bij overplaatsen
- Richting
- Vlak: voeten voorop; geschikte trap omhoog: hoofd voorop
- Verticaal hijsen
- Goedgekeurde uitrusting; slachtoffer vastgezet; lijnbediener buiten valbaan
3Kernpunten
- 1
Behandel ter plaatse, tenzij er gevaar is of noodzakelijke zorg daar onmogelijk is.
- 2
Sleep bij nood aan de schouderkleding, met het hoofd ondersteund tussen je onderarmen.
- 3
Neil Robertson: verticale redding. Stokes: mand. Schepbrancard: overplaatsen. Controleer geschiktheid en goedkeuring voor elke hijsbeweging.
- 4
Plan de route, zorg voor voldoende dragers, één leider en een vastgegespt slachtoffer.
- 5
Verticaal hijsen: opgeleide ploeg, goedgekeurde uitrusting, vastgezet slachtoffer; bediener van de geleidelijn buiten de valbaan.
4Veelgemaakte fouten
Fout: Breng een slachtoffer altijd meteen naar het scheepshospitaal.
Goed: Behandel ter plaatse, tenzij er gevaar is of noodzakelijke zorg daar onmogelijk is.
Fout: Eén sterk persoon kan een slachtoffer een machinekamerladder op dragen.
Goed: Steile ladders vragen om een opgeleide reddingsploeg en goedgekeurde hijsvoorziening. Draag het slachtoffer niet handmatig omhoog.
Fout: Een Stokes-mandbrancard is het beste om door een kleine tankopening te hijsen.
Goed: De ploeg kiest volgens de instructies een brancard die past bij het slachtoffer, de opening en de geplande hijsbeweging.
5Praktijkgeval en examentips
Een monteur is onderin de machinekamer gevallen en heeft zijn rug bezeerd. Hij is bij bewustzijn en de ruimte is veilig. De enige uitweg naar het bovendek loopt via twee steile ladders en een nauwe doorgang.
Toon het antwoord
Houd hem stil en warm, meld het aan de brug en wacht op de opgeleide ploeg en medisch verantwoordelijke. Zij beoordelen het letsel en kiezen een veilige route, een goedgekeurde reddingsbrancard en een hijssysteem. Een schepbrancard kan bij overplaatsen helpen, maar is niet automatisch geschikt voor hijsen. Maak de route vrij. Werk met opgeleide bedieners, één leider en een geleidelijn die buiten de valbaan wordt bediend.
Examentips
- Verplaats een slachtoffer alleen bij gevaar of als behandeling ter plaatse onmogelijk is.
- Neil Robertson: omsluit voor verticale redding. Stokes: stijve mand. Schepbrancard: deelbaar voor overplaatsen. Controleer hijsgoedkeuring.
- Draag op vlakke stukken met voeten voorop, op geschikte trappen omhoog met hoofd voorop. Eén leider. Steile ladders vereisen goedgekeurd reddingshijsen.
- Verticaal hijsen: geschikte brancard, goedgekeurde hijsuitrusting, vastgezet slachtoffer; lijnbediener buiten de valbaan.
Dit onderdeel afronden
Als je het gelezen hebt, beantwoord je drie vragen. Heb je ze alle drie goed, dan is het onderdeel afgerond; alleen de pagina openen telt niet.
Mijn notities bij dit onderdeel
Geen notities
