Mijn modules›M12 Schip en motoren›11. Motorpech op zee: brandstof, koeling en lucht
Onderdelen bekijken

Motorpech op zee: brandstof, koeling en lucht

Schip en motoren≈ 4 min lezen

Oververhitting: zoek het ontbrekende water

1De les in gewone woorden

In één zin

Temperatuuralarm: verminder de belasting en controleer het uitlaatwater. Weinig of geen water: stop. Enige stroming bewijst geen goede koeling; controleer ook koelvloeistof, riemen en overbelasting.

Eerste reactie

Neem gas terug en controleer het water bij de uitlaat. Komt er weinig of geen water, of klinkt een alarm van de natte uitlaat? Zet de motor uit. Lijkt de stroming normaal? Verminder de belasting en volg de handleiding; stop als de temperatuur hoog blijft. Wat zichtbaar water bewijst niet dat de buitenwatertoevoer voldoende is.

Weinig of geen uitlaatwater

Buitenwater is water dat van buiten de boot voor de koeling wordt aangezogen. Zet de motor uit en voorkom herstarten. Controleer de buitenboordafsluiter (inlaatkraan), wierpot (vuilfilter), rompinlaat, impeller (flexibele pomprotor) en slangen. Sluit de afsluiter voordat je wierpot of pomp opent; monteer alles en open de afsluiter vóór herstarten. Controleer waar mogelijk vanaf dek. Zoek deskundige hulp als toegang onder water nodig is.

Normale stroming, toch heet

Controleer ook op gedeeltelijke verstoppingen. Laat de motor afkoelen voordat je de koelvloeistof, de vloeistof die de motor koelt, controleert; open nooit een hete dop. Controleer de riem als die de koelvloeistofpomp aandrijft. Een vastzittende thermostaat (temperatuurregelklep) of verstopte warmtewisselaar (die warmte van koelvloeistof aan buitenwater overdraagt) kan ook oververhitting veroorzaken. Net als overbelasting: vuil of aangroei op schroef of romp laat de motor harder werken.

Impellerstukken

Afgebroken schoepen kunnen verderop vastlopen, vaak bij de inlaat van de warmtewisselaar. Zoek elk ontbrekend stuk terug: achtergebleven resten kunnen de koeling belemmeren. Volg de instructies van de fabrikant voor controle en verwijdering; een einddeksel van de warmtewisselaar kan toegang geven.

Verder varen

Vaar pas weer op de motor als de koelwaterstroom hersteld is, de temperatuur binnen het veilige bereik van de fabrikant valt en de handleiding gebruik toestaat. Houd beide goed in de gaten. Een laag toerental maakt onopgeloste oververhitting niet veilig. Blijft de motor te heet of valt de waterstroom weg? Stop. Zeil, anker als dat geschikt is, of regel hulp.

2Stap voor stap

De impeller van een buitenwaterpomp vervangen

  1. 1

    Zet de motor uit, voorkom herstarten en sluit de buitenwaterafsluiter.

    Voorkomt binnenstromend water bij openen van de pomp en onbedoeld starten.

  2. 2

    Verwijder het deksel; bewaar de schroeven en bepaal welke pakking of O-ring is voorgeschreven.

    De nieuwe afdichting moet bij de pomp passen.

  3. 3

    Trek de oude impeller eruit met een tang of trekker; tel de schoepen.

    Ontbrekende schoepen moet je verderop terugvinden.

  4. 4

    Gebruik het smeermiddel en de montagemethode van de fabrikant. Volg aanwijzingen voor de stand van de schoepen.

    De juiste montage voorkomt schade aan de schoepen.

  5. 5

    Monteer het deksel met de voorgeschreven afdichting, open de afsluiter en controleer op lekkage.

    Een lekkend deksel laat lucht binnen, waardoor de pomp niet meer aanzuigt.

  6. 6

    Start en controleer direct de uitlaatwaterstroom; controleer of de temperatuur terugkeert naar het veilige bereik van de fabrikant.

    Stop als er weinig water blijft komen of de temperatuur hoog blijft. Herstelde stroming alleen bewijst niet dat de storing verholpen is.

3Kerngegevens

Alarm: weinig/geen water
Stop; controleer het buitenwatercircuit
Alarm: stroming lijkt normaal
Controleer verstoppingen, koelvloeistof, pompriem, thermostaat en overbelasting
Kapotte impeller
Zoek ontbrekende schoepen terug; kijk verderop, vaak bij de warmtewisselaar

4Kernpunten

  1. 1

    Temperatuuralarm: verminder de belasting en kijk naar het uitlaatwater.

  2. 2

    Weinig of geen water: stop; controleer afsluiter, wierpot, inlaat, impeller en slangen.

  3. 3

    Wat water kan onvoldoende zijn. Controleer verstoppingen, pompriem, thermostaat, warmtewisselaar en overbelasting; koelvloeistof pas als de motor is afgekoeld.

  4. 4

    Een kapotte impeller kan verderop schoepen achterlaten, vaak bij de warmtewisselaar: haal ontbrekende stukken weg.

5Veelgemaakte fouten

  • Fout: Open de koelvloeistofdop om te zien of het peil laag is.

    Goed: Open nooit een hete dop: gloeiend hete koelvloeistof spuit eruit. Wacht tot de motor afgekoeld is.

  • Fout: Plaats een nieuwe impeller en vergeet de kapotte.

    Goed: Zoek ontbrekende stukken terug: resten verderop kunnen koelkanalen blokkeren.

6Praktijkgeval en examentips

Situatie

Je vaart op de motor door waterplanten. Het temperatuuralarm klinkt en er komt weinig uitlaatwater. Je stopt en voorkomt herstarten, sluit de afsluiter, reinigt de wierpot, monteert alles en opent de afsluiter. Bij een proefstart blijft de stroming zwak. Wat nu?

Toon het antwoord

Stop en voorkom herstarten. Controleer op een resterende verstopping in inlaat of slang. Sluit de afsluiter voordat je wierpot of pomp opent. Controleer de impeller; vervang die bij schade en zoek ontbrekende schoepen verderop terug. Monteer alles, open de afsluiter en controleer op lekkage. Start pas na het verhelpen van de storing; controleer normale uitlaatwaterstroom en temperatuur voordat je verder vaart.

Examentips

  • Oververhitting: verminder belasting, controleer uitlaatwater.
  • Weinig of geen uitlaatwater: stop; controleer het buitenwatercircuit. Wat water sluit een verstopping niet uit.
  • Open nooit een hete koelvloeistofdop.
  • Afgebroken impellerschoepen kunnen verderop vastlopen, vaak bij de warmtewisselaar.

Dit onderdeel afronden

Als je het gelezen hebt, beantwoord je drie vragen. Heb je ze alle drie goed, dan is het onderdeel afgerond; alleen de pagina openen telt niet.

Mijn notities bij dit onderdeel

Geen notities