De motor stopt of verliest vermogen: brandstof en lucht
1De les in gewone woorden
Haperen of stoppen wijst vaak op brandstoftekort of lucht in de toevoer. Ruw weer kan tankbezinksel opwoelen; losse verbindingen kunnen lucht binnenlaten.
Brandstoftekort
Een diesel die langzaam vermogen verliest, zaagt (het toerental stijgt en daalt) of na ruw weer stopt, krijgt mogelijk te weinig brandstof. De beweging woelt vuil en dieselbacterie (slijm van micro-organismen) van de tankbodem op; beide kunnen filters verstoppen. Een verstopt filter merk je vaak eerst bij hoog toerental, als de doorstroming het grootst is.
Waar kijk je?
Is er brandstof? Meters kunnen liegen: peil de tank. Is de tankontluchting, die lucht in de tank laat, vrij? Een verstopte ontluchting veroorzaakt onderdruk en brandstoftekort. Kijk in de opvangkom van de waterafscheider naar water of zwart slib. Sommige boten hebben een vacuümmeter die de aanzuigonderdruk meet. Bij gelijk toerental wijst oplopende onderdruk op een vernauwing in het filter of de toevoer ervoor, waaronder de tankontluchting.
Lucht in de brandstof
Bellen in de waterafscheider of plotseling stoppen wijzen op lucht of gas in de brandstof. Lucht kan aan de zuigzijde tussen tank en opvoerpomp binnenkomen: via losse slangklemmen, gebarsten opvangkommen of slechte afdichtingen. Bij een laag tankpeil kan de aanzuigbuis tijdens slingeren boven de brandstof komen. Te sterke onderdruk door een vernauwing kan ook bellen veroorzaken. Controleer peil, vernauwingen, afdichtingen en verbindingen. Verhelp de oorzaak en ontlucht volgens de handleiding.
Water in de brandstof
Water in de opvangkom laat zien dat de afscheider water heeft opgevangen. Zet de motor uit en tap het volgens de fabrikant af in een bak. Komt het water terug? Laat de motor uit en sluit de vervuilde toevoer af: water in de inspuitapparatuur kan ernstige schade veroorzaken. Gebruik een aanwezige tank waarvan je weet dat die schoon is; zoek anders hulp. Start pas weer als de toevoer vrij is van water.
Geen brandstofprobleem?
Controleer op een verstopte luchtinlaat of gesloten ventilatieopening van de motorruimte, zoals bij ‘De motor start niet’. Overbelasting betekent dat de motor te hard moet werken. Aangroei op de schroef of romp of vuil rond de schroef kan dit veroorzaken, met dalend toerental en zwarte rook. Zie ‘Rook, trillingen en vuil rond de schroef’.
2Stap voor stap
Een brandstofvoorfilter vervangen op zee
- 1
Zorg dat de boot veilig en stabiel ligt, zet de motor uit en sluit de brandstofkraan.
Beperkt morsen. Bij openen van het filter komt nog steeds lucht binnen; die moet je daarna ontluchten.
- 2
Leg doeken en een opvangbak onder het filter; tap de opvangkom af.
Houdt diesel uit de bilge, de laagste ruimte in de romp, en maakt water of vuil zichtbaar.
- 3
Verwijder het oude element en de afdichtingen. Reinig kom, huis en afdichtingsvlakken volgens de handleiding; houd vuil weg van de schone brandstofzijde. Plaats het nieuwe element en de voorgeschreven afdichtingen, gesmeerd volgens voorschrift.
Goed geplaatste afdichtingen voorkomen brandstoflekkage en binnendringende lucht.
- 4
Draai vast volgens de methode en het aanhaalmoment van de fabrikant. Open daarna de brandstofkraan.
Te vast aandraaien kan de kom laten barsten; te los laat lucht binnen.
- 5
Ontlucht het lagedruksysteem volgens de handleiding (Schip: diesel).
De motor loopt niet met lucht in de brandstof.
- 6
Laat de motor draaien en kijk naar lekkage en bellen.
Bevestigt de reparatie voordat je erop vertrouwt.
3Kernpunten
- 1
Vermogensverlies of stoppen na ruw weer: denk aan vuile brandstof en verstopte filters.
- 2
Controleer brandstofhoeveelheid, tankontluchting, waterafscheider en vacuümmeter.
- 3
Lucht komt binnen aan de zuigzijde: slangklemmen, afdichtingen, laag tankpeil.
- 4
Vervang het filter met nieuwe afdichtingen en ontlucht daarna.
4Veelgemaakte fouten
Fout: De motor is gestopt, dus de verstuivers moeten defect zijn.
Goed: Verstuiverstoringen zijn zeldzaam. Problemen met de brandstoftoevoer en lucht komen veel vaker voor: controleer die eerst.
Fout: Gebruik de oude filterafdichting opnieuw; die ziet er goed uit.
Goed: Plaats de voorgeschreven nieuwe afdichtingen. Een oude afdichting lekt vaak lucht; sets kunnen ook afdichtingen voor andere filterhuizen bevatten.
Fout: Vaar met weinig brandstof; dat scheelt gewicht.
Goed: Bij een laag peil kan de aanzuigbuis in zeegang lucht en slib aanzuigen. Houd de tank goed gevuld.
5Praktijkgeval en examentips
Na zes uur motoren tegen ruwe zee begint het toerental van de diesel te schommelen. Daarna stopt hij. De tank is halfvol. De waterafscheider ziet er donker uit, met een zwarte laag op de bodem.
Toon het antwoord
Denk aan opgewoeld tankslib dat de toevoer belemmert; zwart materiaal alleen bewijst geen dieselbacterie. Breng de boot in veiligheid, zet de motor uit en sluit de brandstofkraan. Tap de kom af in een bak en controleer op water. Komt water of slib terug? Sluit die toevoer af en zoek hulp. Vervang verstopte filters met de voorgeschreven nieuwe afdichtingen, open de kraan en ontlucht volgens de handleiding. Start alleen met schone toevoer; controleer op lekkage en controleer veilig het vermogen onder belasting.
Examentips
- Zagen en stoppen na ruw weer: denk aan door tankslib verstopte filters.
- Verstopte tankontluchting: onderdruk, brandstoftekort.
- Lucht komt binnen aan de zuigzijde van de opvoerpomp.
- Nieuw filter, nieuwe afdichtingen, daarna ontluchten.
Dit onderdeel afronden
Als je het gelezen hebt, beantwoord je drie vragen. Heb je ze alle drie goed, dan is het onderdeel afgerond; alleen de pagina openen telt niet.
Mijn notities bij dit onderdeel
Geen notities

