Mijn modules›M15 Recht en wacht›27. Leiderschap, teamwerk, vermoeidheid en rechten van zeevarenden (MLC)
Onderdelen bekijken

Leiderschap, teamwerk, vermoeidheid en rechten van zeevarenden (MLC)

Recht en wacht≈ 3 min lezen

Leiderschap en samenwerken op operationeel niveau (STCW A-II/1)

1De les in gewone woorden

In één zin

Als beginnend officier leid je elke wacht een klein team. Plan het werk, verdeel het eerlijk, communiceer duidelijk en benut de kennis van je team bij beslissingen.

De bekwaamheid

STCW-tabel A-II/1 noemt het toepassen van leiderschaps- en samenwerkingsvaardigheden voor elke officier van de wacht (OOW). Dit omvat vier gebieden: weten hoe bemanningsleden aan boord worden aangestuurd en opgeleid; taak- en werklastbeheer; effectief beheer van mensen en middelen; en besluitvormingstechnieken. Je hebt deze vaardigheden nodig op wacht, in de haven, bij oefeningen en wanneer je toezicht houdt op gezellen die aan dek werken. Gezellen zijn bemanningsleden zonder officiersrang.

Taken en werklast

Taak- en werklastbeheer betekent werk plannen en afstemmen, mensen taken toewijzen, rekening houden met beschikbare tijd en middelen, en prioriteiten stellen. Controleer vóór het afmeren bijvoorbeeld wie op elke post staat, welk materieel nodig is en wat eerst moet. Verdeel de werklast: wie overbelast is, mist dingen; wie niets te doen heeft, verliest de aandacht.

Middelen en communicatie

Effectief beheer betekent mensen en materieel verdelen, toewijzen en volgens prioriteit inzetten. Het vraagt ook om duidelijke communicatie aan boord en met de wal, en beslissingen die de ervaring van het team benutten. Assertiviteit betekent dat je je mening duidelijk en respectvol geeft, zonder te zwijgen of agressief te worden. Leiderschap omvat mensen motiveren, uitleggen waarom je orders geeft en goed werk erkennen.

Beslissen

Een eenvoudige beslismethode past bij de meeste situaties: beoordeel de situatie en het risico; bepaal de mogelijkheden; kies een aanpak; handel; en beoordeel of die werkte. Houd onder tijdsdruk dezelfde stappen aan, maar doorloop ze sneller. Vraag het team wat zij zien voordat je kiest. Spreek je beslissing uit, zodat iedereen die kent.

Je uitspreken tegen meerderen

Leiderschap is niet alleen voor de kapitein. Zie je een risico, dan toon je leiderschap door feiten en een voorstel te noemen. Als een gezel een zorg uitspreekt, bedank je die en onderneem je actie. Een schip waar junioren zwijgen, vraagt om een ongeval. Communicatietechnieken op de brug komen aan bod in Recht: wachtdienst.

2Kernpunten

  1. 1

    STCW A-II/1 vereist leiderschaps- en samenwerkingsvaardigheden van elke officier van de wacht.

  2. 2

    Plan taken, wijs mensen toe, houd rekening met grenzen en stel prioriteiten.

  3. 3

    Benut de ervaring van het team; wees assertief, zonder te zwijgen of agressief te worden.

  4. 4

    Beslis in stappen: beoordelen, mogelijkheden bepalen, kiezen, handelen, evalueren.

  5. 5

    Leiderschap omvat je uitspreken tegen meerderen en luisteren naar junioren.

3Veelgemaakte fouten

  • Fout: Leiderschapsvaardigheden zijn alleen belangrijk voor de kapitein en eerste stuurman.

    Goed: Volgens STCW A-II/1 horen ze bij de bekwaamheid van elke officier van de wacht. Je leidt elke wacht gezellen.

  • Fout: Assertief zijn betekent luid blijven aandringen tot de ander toegeeft.

    Goed: Assertiviteit betekent feiten en je mening duidelijk en respectvol geven, en daarna naar het antwoord luisteren.

4Praktijkgeval en examentips

Situatie

Je bent derde stuurman en leidt de achterste meerploeg met twee gezellen. De kapitein wil dat het schip over 20 minuten volledig is afgemeerd. Eén gezel is nieuw en zenuwachtig; een spring, een meerlijn die beweging in lengterichting beperkt, zit vast op de liertrommel. Hoe leid je de ploeg?

Toon het antwoord

Stop het betrokken werk en houd iedereen uit de buurt van de vastgelopen lijn. Meld het gevaar en de vertraging aan de brug. Spreek een veilig plan af voordat het werk doorgaat. Verdeel taken volgens ervaring en begeleid de nieuwe gezel. Leg de prioriteiten uit en vraag beiden om zorgen te melden. Controleer of het plan werkt en bespreek het werk achteraf.

Examentips

  • Bekwaamheid A-II/1: leiderschaps- en samenwerkingsvaardigheden toepassen.
  • Taak- en werklastbeheer: planning, taakverdeling, grenzen, prioriteiten.
  • Beheer van mensen en middelen: verdeling, communicatie, assertiviteit, leiderschap.
  • Besluitvorming: situatie en risico beoordelen, mogelijkheden bepalen, aanpak kiezen, evalueren.

Dit onderdeel afronden

Als je het gelezen hebt, beantwoord je drie vragen. Heb je ze alle drie goed, dan is het onderdeel afgerond; alleen de pagina openen telt niet.

Mijn notities bij dit onderdeel

Geen notities