Mijn modules›M12 Schip en motoren›13. Dekuitrusting en dekmachines: lieren, kranen, luiken, waterdichte deuren, loodsladders en loopplanken
Onderdelen bekijken

Dekuitrusting en dekmachines: lieren, kranen, luiken, waterdichte deuren, loodsladders en loopplanken

Schip en motoren≈ 4 min lezen

Lieren, ankerlieren en kaapstanders: aandrijving, koppelingen en remmen

1De les in gewone woorden

In één zin

Leer hoe lieren, ankerlieren en kaapstanders werken. Controleer vóór gebruik de aandrijving, koppelingen, remmen en bediening.

Machines aan dek

Een lier heeft een trommel die touw of staaldraad binnenhaalt of uitviert. Een ankerlier haalt het anker op: de nestenschijf is een wiel met uitsparingen die de kettingschalmen vastpakken. Een kaapstander is een trommel op een verticale as. Verhaalkoppen zijn gladde, getailleerde trommels aan het uiteinde van een lieras. Je haalt er touw mee binnen zonder het erop op te slaan.

Aandrijving

Een elektrische aandrijving gebruikt een motor en een reductiekast. Die verlaagt het trommeltoerental en vergroot de draaikracht. De snelheidsregeling kan trapsgewijs of traploos zijn; de remvoorzieningen verschillen per machine. Een hydraulische aandrijving gebruikt een motor die door een pomp wordt gevoed en biedt vaak een soepele snelheidsregeling. Controleer slangen op lekkage en schuurplekken. Warm bij koud weer de hydraulische olie volgens de fabrikant op voordat je de machine belast.

Koppeling en rem

Een klauwkoppeling verbindt de trommel of nestenschijf met de aandrijving via in elkaar grijpende klauwen. Ontkoppeld draait de trommel vrij en houdt alleen de bandrem hem tegen: een stalen band met wrijvingsvoering rond een remtrommel, meestal aangedraaid met een schroefhandwiel. Koppel alleen in of uit met stilstaande trommel en aangezette rem. Versleten, vette of natte voering houdt veel minder vast.

Trekkracht en houdkracht

De trekkracht is de kracht waarmee de aangedreven lier binnenhaalt. De houdkracht van de rem is de belasting die de rem bij ontkoppelde aandrijving kan tegenhouden; dit zijn verschillende waarden. Slijtage verandert de remslag en grip. Meld versleten of vervuilde voering. Alleen bevoegde bemanningsleden mogen de rem afstellen of beproeven, volgens de fabrikant en de voorgeschreven scheepsinstelling. Draai hem nooit zomaar vaster om elk slippen te voorkomen.

Handen en trommels

Houd handen, handschoenen en kleding weg van trommels, nestenschijven en knelpunten, waar bewegende delen je kunnen vastgrijpen of verpletteren. Werk op meer- en ankerstations staat in Touwwerk: afmeren van schepen.

2Stap voor stap

Voordat je dekmachines gebruikt

  1. 1

    Vraag toestemming aan de officier en controleer of mensen en los materiaal uit de werkzone zijn.

    Machines starten binnen enkele seconden; niemand mag bij de trommel of andere bewegende delen staan.

  2. 2

    Controleer het oliepeil in de tandwielkast of hydrauliektank en kijk naar lekkage en beschadigde slangen.

    Te weinig olie of een gescheurde slang kan de machine onder belasting stilleggen.

  3. 3

    Controleer de remband en voering en of de rem volledig is aangezet.

    De rem houdt de last vast als de koppeling uit staat of de energievoorziening uitvalt.

  4. 4

    Koppel met stilstaande trommel en aangezette rem in en borg de koppeling voor de onbelaste proef volgens de fabrikant.

    Een draaiende trommel inkoppelen breekt klauwen en kan de last loslaten.

  5. 5

    Schakel de aandrijving in met de bediening in neutraal en iedereen op afstand. Los de trommelrem volgens voorschrift en draai langzaam onbelast in beide richtingen.

    Zo controleer je aandrijving en bediening zonder de machine tegen de rem in te laten werken.

  6. 6

    Beproef de noodstop. Stop en zet bediening, rem en koppeling in de veilige stand volgens de fabrikant; meld gebreken vóór gebruik.

    Je moet de machine direct kunnen stoppen als er iets misgaat.

3Kernpunten

  1. 1

    De nestenschijf grijpt de ankerketting; verhaalkoppen halen touw binnen met slagen eromheen; een trommel slaat de lijn op.

  2. 2

    Elektrische snelheidsregeling kan trapsgewijs of traploos zijn; hydraulische aandrijvingen vragen goede slangen en de juiste olietemperatuur.

  3. 3

    Gebruik de klauwkoppeling alleen met stilstaande trommel en aangezette bandrem.

  4. 4

    Trekkracht haalt aangedreven binnen; remhoudkracht houdt een last tegen. Controleer de afzonderlijke waarden.

  5. 5

    Controleer vóór elk gebruik olie, rem, koppeling, bediening en noodstop.

4Veelgemaakte fouten

  • Fout: Sla de koppeling erin terwijl de trommel langzaam draait; dat bespaart tijd.

    Goed: Stop eerst de trommel en zet de rem aan. Een draaiende trommel inkoppelen beschadigt de klauwen en kan de last laten vallen.

  • Fout: De rem houdt tien ton, dus de lier kan tien ton trekken.

    Goed: Houden en trekken hebben verschillende grenswaarden. Controleer de opgegeven trekkracht; alleen bevoegde bemanning stelt remmen af op de voorgeschreven waarde.

5Praktijkgeval en examentips

Situatie

Op een koude ochtend word je naar voren gestuurd om de hydraulische meerlieren klaar te maken. Een slang naar de voorste lier is bij een aansluiting nat van olie. De remvoering van diezelfde lier ziet er donker en vettig uit.

Toon het antwoord

Gebruik die lier niet. Meld de lekkende slang en vette remvoering aan de officier. Houd mensen op afstand; zoek nooit met je hand naar lekken. Start geen lier op dezelfde hydraulische voeding totdat bevoegde bemanning de defecte tak veilig heeft geïsoleerd. Maak onafhankelijk gevoede lieren alleen klaar volgens de officier en fabrikant, inclusief opwarmen bij koud weer.

Examentips

  • Lier: trommel. Ankerlier: nestenschijf. Kaapstander: verticale trommel. Verhaalkop: binnenhalen met slagen eromheen.
  • Klauwkoppeling alleen in- of uitschakelen met stilstaande trommel en aangezette rem.
  • Bandrem houdt de last vast; olie of water op de voering vermindert de houdkracht.
  • Remhoudkracht en aangedreven trekkracht hebben afzonderlijke waarden; alleen bevoegde bemanning stelt remmen af. Controleer olie, rem, koppeling, bediening en noodstop.

Dit onderdeel afronden

Als je het gelezen hebt, beantwoord je drie vragen. Heb je ze alle drie goed, dan is het onderdeel afgerond; alleen de pagina openen telt niet.

Mijn notities bij dit onderdeel

Geen notities